Skip to main content

Fascinerend vaderlands geboefte in boek 'De gebroeders B.'

| Jan Maurits Schouten | Woord
Fascinerend vaderlands geboefte in boek 'De gebroeders B.'
Steffie van den Oord | Foto: Fjodor Buis

Alweer schreef Steffie van den Oord een spannend boek dat speelt in een wat onderbelichte periode van onze geschiedenis. En wees eerlijk: ooit van de Grote Nederlandse Bende gehoord? De roman De gebroeders B., die zondag ten doop wordt gehouden in Dekker van de Vegt, is bijna té lekker.

Waar je Steffie van den Oord van kent? Behalve dat je haar als stadgenoot bijvoorbeeld bij de bakker kunt tegenkomen, kun je haar kennen van een inmiddels indrukwekkend aantal boeken: romans, reportages, verhalenbundels. Op basis van haar boek Vonk, het meest met dit nieuwe boek verwant, werd een toneelstuk gemaakt. En ze maakte zelf een documentaire die samenhangt met haar boek Westerbork Girl.

Schermafbeelding 2019 10 23 om 14.31.18

Uitsnede van de kaft van De Gebroeders B. van Steffie van den Oord

Van den Oord heeft een aantal fascinaties: de Tweede Wereldoorlog (naast Westerbork Girl schreef ze de indrukwekkende interviewbundel Liefde in Oorlogstijd), oude mensen (Eeuwelingen en Oud was ik toen ik jong was) en moord en boete, doodslag en liefde in vroeger tijden, zoals de verhalenbundel De vrouw met de bijl, het al genoemde Vonk, een noodlottige liefde en nu De gebroeders B. Wat al deze verhalen verbindt, is dat ze gebaseerd zijn op ware feiten en documenten, werkelijk bestaande mensen.

Bepaald geen honkvaste tweeling

Net als Vonk – dat zich bijna geheel afspeelt in Nijmegen en gaat over de inderdaad noodlottige liefde tussen een Nijmeegse volksvrouw en een Franse soldaat, die voor beide eindigt op het schavot – speelt De gebroeders B. in de Franse tijd, eind achttiende eeuw. Maar de hoofdrolspelers, een in Antwerpen geboortige tweeling Bosbeeck, zijn bepaald niet honkvast. Het is juist fascinerend welke afstanden ze aflegden en in welke gezelschappen ze zich bewogen. Deze twee knappe heren uit een doodarm milieu die hun opzienbarende rijkdom, dat blijkt allengs, niet met eerlijke handel verdiend hebben.

Er moet in die tijd een Grote Nederlandse Bende ons land onveilig gemaakt hebben, één in Noordwest-Nederland en één meer in onze streken: Noord-Brabant tot diep over de grens richting Keulen. De ene een afsplitsing van de andere en beide geleid door een heer in joyeuze kleding, met lang donkerbruin haar en felle diepblauwe ogen.

Halfslachtig afscheid van het banditisme

In De gebroeders B. vallen we midden in deze wereld van ‘mazematten’, valse identiteiten en turbulente liefdesperikelen van beide heren. En in hun achteraf halfslachtig gebleken pogingen om het banditisme vaarwel te zeggen en respectabele burgers te worden. De ene broer, Jan, omdat, zoals Van den Oord aannemelijk en invoelbaar maakt, hij oprecht en – naar zal blijken – fataal verliefd wordt op Marianne, een pas bestorven weduwe, dochter van de klokkenmaker van Den Bosch. De ander, Frans, omdat hij schijnbaar werkelijk een burgermansbestaan ambieerde, en wel als fabrikant van zeep. Maar beide heren hebben bloed dat blijft kruipen waar het niet gaan kan, zo blijkt als de ontwikkelingen zich ontspinnen.

Van den Oord heeft zich goed ingelezen en alles gedocumenteerd. Maar zoals altijd, en dat geeft ze zelf in haar nawoord ook toe, blijven gebeurtenissen en wendingen onbegrijpelijk. Veel kleurt ze zelf in. Dat doet ze vaardig en met een groot gevoel voor spanning en couleur locale. Hoe zij de gebeurtenissen presenteert lijkt de meest logische interpretatie van de feiten. Ook weet ze van verschillende bijfiguren, met name van de vrouwen in het leven van de broers, levensechte mensen te maken. Het is dan ook een romantisch, meeslepend en kleurrijk verhaal, een kostuumdrama vol verwikkelingen en liefde dat zo tot film gemaakt zou kunnen worden.

Iets te weinig korrelig

En dat zou meteen ook mijn enige bezwaar zijn tegen dit fijn leesbare en spannende boek: het leest bijna te makkelijk. Als een romannetje, zoals die juist in die Franse tijd veel gelezen werden. Ik kan het me verbeelden, maar ik meen me te herinneren dat in Vonk meer ruwe stukken zaten. Waarin je als lezer aanschuurt tegen een onbegrepen tijd: handelingen waarvan je je met een schok realiseert dat ze zo niet meer gedaan worden, woorden of zinswendingen waar je even je wenkbrauwen voor fronst, totdat je begrijpt dat die uit de officiële documenten kwamen of tot de taal van die tijd behoorden. Veel van dat soort korreligheden zijn in De gebroeders B. gladgestreken. Vertaald, zo je wilt. Dat ik dat liever niet had gehad is een kwestie van smaak.  

Getagd onder

  • Wat
    boekpresentatie De gebroeders B
  • Waar
    Dekker en van de Vegt

Deel dit artikel