Skip to main content

Toegankelijk met een randje

| Jan Maurits Schouten | Dans
Toegankelijk met een randje

Mudje vol zat zaal zeven, de grote zaal van het Nijmeegse Lux, op donderdagavond 10 april, voor een voorstelling met moderne dans. Maar het publiek was maar gedeeltelijk het 'gewone' danspubliek dat diezelfde zaal ook met regelmaat bevolkt. Veel grijze krullen, weinig afgetrainde types: dat moet de fado gedaan hebben.

Gebracht werd een choreografie van Vasco Wellenkamp, in weerwil van zijn Noord-Europese achternaam een Portugees kunstenaar, oprichter en artistiek leider van de 'Companhia Portuguesa de Ballado Contemporâneo' in Lissabon. Hij ontwikkelde een vormentaal binnen het moderne dans-vocabulaire met sterke banden met de fado, de traditionele, inmiddels door Unesco beschermde 'Portugese blues'.

IJzersterk aan de voorstelling was dat die fado live gezongen werd. En niet door de minste, maar door Carla Pires met haar eigen begeleidingstrio op gitaar. Pires, in eigen land een tv-persoonlijkheid en musicalster, is een van de bekendste hedendaagse vertolkers van de fado.

Dat wil zeggen: de gepolijste, ondanks alles beheerste en zoetgevooisde kunstvariant van die fadomuziek. De Portugeese volksmuziek kan krijsende, jammerende, Arabisch aandoende klanken brengen. De muziek van Pires blijft echter binnen het domein van het schone en geordende.

Een uitstekende vondst, daarom, van Wellenkamp, om de live gezongen en gespeelde muziek nu en dan af te wisselen met klanken uit de muziekinstallatie: krassender, krakender, schurender muziek dan Pires kan leveren.

De dansen werden uitgevoerd door het Internationaal Danstheater uit Amsterdam, een gezelschap dat zich ten doel stelt danstradities uit andere culturen te integreren in het repertoire. Dansers van Wellenkamps ensemble oefenden de choreografie samen met de Amsterdammers, en voeren de voorstelling op dit moment op in Portugal, terwijl het Internationaal Danstheater door Nederland tourt.

En, was het wat? Wel... Wellenkamp is een lyrisch choreograaf. De zes danseressen nemen de hoofdrollen, met hun zwierende zomerjurken en lange, losse haren. Zij mogen 'het groot maken', bijna doorlopend. De passen, sprongen en draaien worden meestal met veel wijd uitwaaierende armen en benen uitgevoerd. De vier heren hebben duidelijk een dienende rol; er was bijvoorbeeld niet één solodans voor een man in het programma.

Wellenkamp is ook een man van theatrale beelden. Sommige danspassages lijken vooral bedoeld om toe te werken naar één stilstaand plaatje, overigens doorlopend prachtig Rembrandt-esk uitgelicht naar een lichtontwerp van Pelle Herfst.

Die lyriek, de mooie mainstream fadomuziek en de sterke beelden, alles zeer gecompliceerd geregisseerd en dicht bij perfectie uitgevoerd door het gemotiveerde gezelschap, maakt samen een heel toegankelijke voortstelling zonder ergens sentimenteel of pathetisch te worden, een gevaar dat natuurlijk bij de fado levensgroot op de loer ligt. Wij vermoeden dan ook dat de overgrote meerderheid van het publiek intens genoten zal hebben.

Fado van het Internationaal Danstheater is nog te zien in Hoofddorp (11 april) Arnhem (12 april) en Den Bosch (17 april)

Getagd onder

  • Wat
    Fado, Internationaal Danstheater
  • Waar
    Lux Nijmegen

Deel dit artikel