Skip to main content

De boel een beetje opengooien

| Jan Maurits Schouten | Column
De boel een beetje opengooien
Huis van dozen in huidige Honig | Foto: Jan Maurits Schouten

Hebt u al het hele rondje gelopen? Via de oude en de nieuwe brug overlangs achter Veur-Lent en terug, of andersom? Adembenemend mooi, die waterwerken. En adembenemend veel mogelijkheden nog om heel veel goeds en heel veel slechts te doen, stadsplanologisch gesproken. Met het waterfront, het langgerekte eiland en het Lentse achterland. Het zal wel weer een beetje van allebei worden.

Wat gaat daar voor iets moois komen in de nieuwe peiler van de oude brug? Weet u het al? Iets museaals of horeca-achtigs? Het ziet er in ieder geval uit alsof er heel wat kuub bijzonders in kan gaan gebeuren. En het samengeraapte overblijfsel dat nu Veur-Lent is kan natuurlijk niet zo blijven: het wordt nog een hele toer om gaaf en rustig wonen te combineren met de massa's aan wandelaars, fietsers, skaters, zonnebaders en frisseneushalers die dagelijks het gebied zullen gaan bevolken. En dan dat 'evenementen-eiland'... wat een heerlijk modderig braakland is dat nu nog. Werelden van mogelijkheden.

Wat in ieder geval duidelijk is, is dat het gebied rond de Honig-fabriek niet kan of zal blijven wat het nu is. Dat voormalig niemandsland schreeuwt om herontwikkeling, en, geef toe: er staat veel heel erg lelijks wat we heus over vijftig jaar niet zullen gaan betreuren ooit platgegooid te hebben. Uit esthetisch oogpunt dan, want wat er allemaal aan creatiefs en ambachtelijks gebeurt is onweersprekelijk van zeer groot belang voor een stad die zo veel ruimte voor zichzelf creëert. Zó veel mensen: daar móet ook een belangrijke culturele impuls aan gegeven worden, willen we geen mislukte treurstad bouwen.

Zoveel is dan ook wel duidelijk, dat de oude gebouwen van de Honig-fabriek koste wat kost duurzaam gerenoveerd zullen moeten worden en uitgebreid met een architectonisch hoogstaand ontworpen cultureel-dienstverlenend centrum. À la De Hallen in Amsterdam-West of De Cacaofabriek in Helmond. Met zalen, horeca, bedrijvigheid en bedrijfjes, een culturele 'hotspot'. Doe je dat niet, dan krijg je een kleurloos en gezichtsloos stadsdeel. Ook met de Vasim zul je iets in die richting aanmoeten, maar dan gebruikmakend van de extreem grote ruimten: ofwel een megapodium, ofwel iets in de indoor-vermaaksfeer. De rest aan loodsen en ex-kantoren moet plat. Punt.

Maar waar, zult u vragen, moeten de vrije initiatieven die daar nu ontwikkeld worden dán naartoe? Waar moeten pop-up stores komen, ateliers voor kunstenaars en designers, kleine podia en dergelijke? De indoor beachballers, skaters en bouncers? Moeten die dan nóg verder naar de periferie van de stad gedrongen worden? Nou, nee... we hebben een unieke kans om die weer terug de stad in te halen. Op de Grote Markt staat immers binnenkort een immens pand leeg, waar volgens mij geen Marks & Spencers dood in gevonden wil worden. Winkeltechnisch is er in Nijmegen geen behoefte meer aan een groot warenhuis. Confisceer dat pand, zou ik zeggen, en maak er een vrijplaats van. Het zou ons stadscentrum, dat nooit een winkelcentrum heeft willen worden, een nieuw hart geven. En met onze sleetse Waalkade komt het dan ook nog wel goed. 

Getagd onder