Skip to main content

‘Nijmegen moet zich vooral op toeristen richten’

| Jan Maurits Schouten | Woord
‘Nijmegen moet zich vooral op toeristen richten’
Foto: Jan Maurits Schouten

De beste manier om ‘een stad op de kaart zetten’, ondernemers en nieuwe inwoners te trekken, is door de stad aantrekkelijk te maken voor toeristen. Dat betoogde professor Gert-Jan Hospers tijdens een avond in Lux, georganiseerd door Summer Capital, over City Marketing.

Wethouder Ben van Hees, met onder meer ‘Binnenstad’, ‘City Marketing’ en ‘Evenementen’ in zijn portefeuille, kreeg zowel het eerste als het laatste woord tijdens deze avond die als open debat was aangekondigd, maar toch vooral door een stoet van genodigde sprekers gevuld werd.
Sprekers waaronder dus Gert-Jan Hospers, hoogleraar te Enschede, in deeltijd bekleder van de door de Gemeente Nijmegen gefinancieerde leerstoel over city marketing aan de Radboud Universiteit. (Dat die Universiteit geen ‘Nijmegen’ achter zijn naam plakt bleek onder verschillende aanwezigen trouwens een teer punt. Maar de vertegenwoordiger van Radboud, ook aanwezig, stelde in een subtiele bijzin dat de universiteit dat niet wil omdat ze te groot en te internationaal is om zich aan haar locatie te liëren.)

Doelgroepen

Hospers, dan, stelde dat citymarketing, als het zin zou hebben, zich op doelgroepen zou moeten richten, jonge gezinnen verwachten immers iets anders van een stad dan een zakelijk investeerder, een student of een wandelaar. Het ene verhaal dat je vertelt over je stad heeft het dus over heel andere dingen dan het andere. Maar als er dan toch een overkoepelende doelgroep zou moeten worden benoemd, dan zou dat volgens Hospers de toerist moeten zijn. ‘Mensen kiezen om te wonen of te werken in een stad waar ze geweest zijn en waar ze een goed gevoel over gekregen hebben.’
De hoogleraar wees de aanwezige Nijmegenaren erop dat een stadsbewoner zich heel anders door een stad beweegt en de stad ook heel anders beleeft dan een niet-stadsbewoner. Al was het maar omdat de stadsbewoners veel meer over de stad weten. Hij pleit ervoor om nauwgezet, en liefst met behulp van mensen van buiten de stad, te onderzoeken hoe de stad voor toeristen aantrekkelijker gemaakt kan worden ‘Onderzoek hoe de stad er uitziet voor iemand die er voor het eerst komt, zijn weg probeert te vinden, op looptempo van maximaal vijf kilometer per uur.’

Dat leek een mooi aanknopingspunt, de vraag hoe Nijmegen het toeristen naar de zin kan maken. Maar de andere sprekers bleven liever vanuit hun eigen aanbod denken, al viel nog wel een keer de verzuchting dat Nijmegen geen permanente camping heeft. Een nogal essentieel gebrek als de stad zich op de meer welgestelde en over veel tijd beschikkende toerist zou willen richten, de grijzegolvers.
Hubert Hendriks, van Het Huis voor de Binnenstad (binnenstadondernemers) hield een nogal impressionistisch betoog waarin snackwagens die zichtlijnen belemmeren een rol speelden, maar uitgebrande snackbarren ook weer niet goed bleken. Verder blijkt Hendriks iets te hebben tegen Prins Maurits, die in 1591 Nijmegen na een beleg bevrijdde van de Spaanse onderdrukking en streed tegen het katholieke geloof. Hendriks wil de Prins Mauritssingel een andere naam geven. Waarvan kunde.

Compleet beeld

En Rob Jaspers, die boottochten organiseert langs de waterwerken bij de Nevengeul, pleitte voor meer aandacht in de Nijmegen-promotie voor de vele kilometers extra strand die de stad erbij gekregen heeft.
En Rick van Zadelhof van het Regionaal Bureau Toerisme Knooppunt Nijmegen-Arnhem (RBT KAN) pleitte voor een goede regionale samenwerking. En Teddy Vrijmoet, directeur van de Vierdaagsefeesten wil de naam van die feesten niet veranderen. En Ton van Lieshout van de Zevenheuvelenloop benadrukte het belang van de Stevensloop, waardoor hardlopers kennis maken met de binnenstad.
En allemaal hadden deze verhalen iets overkoepelends, eigenlijk boden ze allemaal, voor een bepaalde doelgroep, een heel compleet beeld van de stad. Diezelfde pretentie heeft ook Summer Capital. Voorzitter Jan van der Meer lichtte de resultaten toe van de inspanningen die ongeveer een jaar geleden begonnen. Het logo (de ‘houten bordjes’ op een paal) wordt veel gefotografeerd en geshared en geliked op Facebook. En er kwamen stukken in de Volkskrant, in Trouw en op websites als The Rough Guide, allemaal met wenselijke informatie: dat het hip en leuk is om in Nijmegen de zomer door te brengen. Van de Meer gaf wel toe dat de meeste reacties en likes uit Nijmegen zelf komen en vervolgens uit Gelderland, maar het streven blijft om tot een soort ‘groot Amsterdam’ te gaan horen voor toeristen uit het buitenland die niet opzien tegen een reis van anderhalf uur naar onze stranden, festivals, en happening cafés en restaurants. Duidelijke doelgroepmarketing.

Hengelen

Er werd aangedrongen bij de andere organisaties om Summer Capital tot paraplu van alle andere citymarketing te maken. Dit werd beleefd afgehouden.
Er werd gehengeld naar meer budget van Ben van Hees, die dat ook afhield. De wethouder benadrukte dat de gemeente in haar promotiebeleid inzet op 'Historische Stad' en 'Kennisstad' en dat vandaaruit alle inititatieven worden beoordeeld. En verder dat iedereen vooral moet ontwikkelen en doen wat hij of zij wil, maar dat de gemeente daarbij wel de regie wil houden.
Alle sprekers kregen een fles wijn van de Groesbeekse wijnboerderij Colognes. Over die buitengebieden van groot-Nijmegen werd verder zo goed als niet gesproken.

Getagd onder

  • Wat
    zin en onzin van citymarketing
  • Waar
    lux
  • Wanneer
    7 okt 2016