Skip to main content

10 mustreads als je gaat studeren

| Mirjam van Zelst | Ugenda tipt
10 mustreads als je gaat studeren

Help! Op de eerste avond van de introductie merk je het al: de leden van je introductiegroep zijn veel intellectueler dan jij! Tien boeken die je gelezen moet hebben om mee te kunnen praten.

Als middelbare scholier las ik met hangen en wurgen de boeken van de leeslijsten uit mijn vakkenpakket (ik deed eindexamen in alle talen dus dat waren er nogal wat). Toen ik in Nijmegen kwam om te studeren, bleek dat ik precies de ‘verkeerde’ boeken had gelezen. Daarom hier tien boeken die je gelezen moet hebben om een beetje mee te kunnen praten*. In volgorde van verschijning.

1. F. Dostojevski, De gebroeders Karamazov (1879).
Fjodor Michailovitsj Dostojevski (1821- 1881) was een Russisch schrijver. Hij is een van de bekendste auteurs uit de Russische literatuur, gerekend tot de 'Realistische School' hoewel zijn werk zich onderscheidt door het wijsgerig gehalte en de dominerende dialoogvorm. Hij werd onder meer beroemd door zijn romans De gebroeders Karamazov, Misdaad en straf en De idioot.
Je moet er even je best voor doen, maar dan heb je ook wat: trek je wifi eruit, doe je telefoon op vliegtuigstand, zet een groot kruis in je agenda en worstel je, het liefst ’s nachts, geholpen door ettelijke glazen rode wijn (of nog liever: goedkope wodka) door deze lijfstraf van een roman, en je zult na een week gelouterd je studentenkamer verlaten om je met je wereldwijze air met je medestudenten te kunnen meten. Het Goede en het Kwade, Liefde en Haat, Geloof en Ongeloof; het leven hoeft jou niets nieuws meer te leren.

2. F. Kafka, De gedaanteverwisseling (1912).
Franz Kafka (1883- 1924) was een Duitstalige schrijver uit Praag, die wordt gezien als een van de belangrijkste auteurs van de twintigste eeuw. Zijn werk kenmerkt zich door een nachtmerrieachtige sfeer (als kafkaësk bekend geworden) waarin de bureaucratie steeds meer greep krijgen op het individu. Kafka is vooral bekend van de romans Het Proces en Het Slot.
De hoofdpersoon van De gedaantewisseling Gregor Samsa wordt op een ochtend wakker als een gigantisch insect. Die verandering kantelt zijn verhouding met zijn familie. Hij wil opstaan, maar kan dat niet. Hij wil gaan werken, maar kan dat niet. Zijn inertie maakt hem voor de familie tot ongedierte. Het boek is een waarschuwing en troost voor een ieder die onafhankelijkheid zoekt. Je kunt uren praten met medestudenten over de precieze betekenis van al deze symboliek.

3. J. Joyce, Ulysses (1922).
James Augustine Aloysius Joyce (1882- 1941) was een Iers schrijver die wordt beschouwd als een van de belangrijkste schrijvers van de 20e eeuw, en Ulysses als het hoogtepunt van de moderne literaire beweging. De grote invloed van Joyce op de wereldliteratuur van de voorbije eeuw is onmiskenbaar en zijn bewonderaars zijn nog altijd talrijk. Jaarlijks worden op 16 juni het werk en het leven van Joyce door liefhebbers gevierd (Bloomsday), in Dublin, maar ook op vele plaatsen daarbuiten.
De laatste vertaling van Ulysses had een notenapparaat dat dikker was dan het boek zelf. Elk woord heeft meerdere betekenissen en zo kun je gerust een jaartje studeren op deze pil. Ik verdenk dan ook meer dan tachtig procent van de mensen die zeggen het gelezen te hebben ervan, alleen Wikipedia bestudeerd te hebben. Volg gerust hun voorbeeld. Als je echter op een onbewoond eiland komt te zitten en je mag slechts een boek meenemen, is dit je werk. Alsof je een hele boekenkast bij je hebt.

4. Th. Mann, De toverberg (1924).
Paul Thomas Mann (1875- 1955) wordt beschouwd als een van de grootste Duitse schrijvers uit de twintigste eeuw. Tot zijn bekendste werken behoren de romans Buddenbrooks en De Toverberg, en de novelle De dood in Venetië. Zijn werk werd sterk beïnvloed door dat van Goethe, Nietzsche en Schopenhauer. In 1929 kreeg hij de Nobelprijs voor de Literatuur. Hij week in 1936 voor het Duitse naziregime uit naar Zwitserland, woonde van 1939 tot 1952 in de Verenigde Staten waar hij uitgroeide tot een belangrijke exponent van de strijd tegen het fascisme. Zeker voor de zoekende studenten is deze roman de moeite waard; het boek staat vol bespiegelingen over Het Leven, waarbij elk personage staat voor een ander wereldbeeld, dus je steekt er nog wat van op, ook.

5. J. J. R. Tolkien, In de ban van de ring- trilogie (1955).
John Ronald Reuel Tolkien (1892- 1973) was een Engelse filoloog, dichter, theoloog en hoogleraar in de Engelse taal- en letterkunde. Hij werd vooral bekend als de schrijver van De Hobbit en In de Ban van de Ring, waarmee hij de vader van de moderne fantasyliteratuur werd. Het is een trilogie over de wereld Arda en het continent Midden-aarde. Je kent natuurlijk de films die gebaseerd zijn op dit werk, maar zijn invloed is in bijna alle hedendaagse fantasy terug te vinden. In 2008 plaatste The Times hem op de zesde plaats van De 50 grootste Britse schrijvers sinds 1945, maar je hebt al je concentratie nodig om deze enorme pil door te worstelen. Bij voorkeur lezen in de donkere dagen rond Kerst.

6. J. Kerouac, On the road (1959).
Jean-Louis Lebris de (a.k.a. Jack) Kerouac (1922- 1969) was een Amerikaans schrijver. Hij legde het leven van de Amerikaanse reiziger vast in een spontane stijl die de essentie van beweging grijpt in een oneindige stroom rauwe gedachten en observaties. Zijn boek On the Road schreef hij in minder dan drie weken tijd op een enorme rol papier van ruim 36 meter lang. Deze klassieker van de beatgeneratie leest heerlijk weg en doet dromen over wilde autoritten dwars door de States, vrijheid, drankgelagen, free-jazz-avonden en one-night-stands met de knapste jongens/meiden. Of, zoals een vriendin van me door de nacht pleegde te schreeuwen na een lange avond stappen, als we met onze fiets een of andere Nijmeegse berg af scheurden: “You Dean Me Sall!”

7. R. Pirsig, Zen en de kunst van het motoronderhoud(1974).
Robert Maynard Pirsig (1928- 2017) was een Amerikaans filosoof en schrijver. Van 1961 tot 1963 werd hij in diverse psychiatrische klinieken opgenomen en behandeld met elektroconvulsietherapie, omdat hij leed aan paranoïde schizofrenie. Hij verwerkte die ervaringen in zijn romans. Laat je niet door bovengenoemde titel in de war brengen: dit boek heeft niets met een technische handleiding te maken, al gaat het wel over Techniek. En Kwaliteit. En Romantiek. En nog zo wat termen, die in deze behoorlijk filosofische hersenkraker natuurlijk allemaal wat anders betekenen dan in het gewone leven. Maar als je je best doet, dan begrijp je, onder het uitroepen van ‘eureka!’ ineens wat de schrijver allemaal precies bedoelt, en hoe het leven eigenlijk precies in elkaar zit. Ongeveer. Dacht ik toch.

8. D. Adams, A Hitchhiker ‘s guide to the gallaxy (als hoorspel: 1978, als pentalogie: 1992).
Douglas Noël Adams (1952- 2001) was een Engels schrijver van sciencefictionboeken. HHGTTG (ofwel HHG, HHGG, HHG2TG, THHG of H2G2) is een verzameling komische sciencefictionwerken, begonnen als radiohoorspel van 12 afleveringen, voor het eerst uitgezonden in 1978. In 1981 volgde een zesdelige televisieserie en tussen 1979 en 1984 verscheen het verhaal in sterk uitgebreide versie als vierdelige boekenserie. In 1992 verscheen een vijfde deel waardoor er uiteindelijk sprake is van een pentalogie.
Een absolute klassieker in bepaalde (nerdy) kringen. Als je wil weten wat in vredesnaam het nog steeds jaarlijks in Nijmegen gevierde ‘towelday’ betekent, of als je wil weten wat het antwoord op alles is, als je wel van melige humor om te lachen houdt, of als je in aanzien wil komen bij je nieuwe nerd-vrienden, dan is dit boek een must. En het leest lekker weg, dat moet gezegd.

9. O. Fallaci, Een man (1979).
Oriana Fallaci (1929- 2006) was een Italiaanse verzetsstrijdster, journaliste, publiciste en schrijfster. Ze werd beroemd door haar interviews met wereldleiders, zoals de Dalai lama , Henry Kissinger, de sjah van Perzië , Ayatollah Khomeini, Willy Brandt, en Moammar al-Qadhafi. Ze geldt als een boegbeeld voor haar generatie. In haar latere leven riep ze controverses op door geschriften waarin ze hard uithaalde naar de islam. Fallaci’s Un uomo is een biografie van de Griekse verzetsstrijder Alexandros Panagoulis.
Ik ben me er van bewust dat dit helaas de enige vrouwelijke schrijver op de lijst is. Ik had een boek van De Beauvoir kunnen noemen, van Virginia Woolf of een andere feministische grootheid, of Erica Young’s Ritsloze nummer, wat altijd leuk is om te lezen. Maar dit boek over de vraag wat je over hebt voor je land en je idealen is zo vreselijk en urgent, dat het nu nog gelezen moet worden.

10. U. Eco, De slinger van Foucault (1988).
Umberto Eco (1932- 2016) was een van de bekendste hedendaagse Italiaanse schrijvers. Hij ontving salesiaans onderwijs en studeerde middeleeuwse filosofie aan de Universiteit van Turijn. Hij was tot 2008 hoogleraar in de semiotiek aan de Universiteit van Bologna. Eco werd katholiek opgevoed, maar werd later atheïst. Als schrijver brak Eco in 1980 internationaal door met zijn roman Il Nome della Rosa (De naam van de roos), een spannende detectiveroman die zich in 1327 afspeelt in het kader van de strijd tussen het centrale gezag van de Rooms-Katholieke Kerk en verschillende stromingen daarin die met geweld werden onderdrukt.
Oh, wat is deze man erudiet. En wat laat hij het graag breed hangen. Tempeliers, Katharen, Rozenkruisers, Kabbala, de heilige graal; Eco strooit ermee alsof de geheime genootschappen dagelijks bij hem over de vloer komen. Maar als je je gefocust door deze toch ook wel spannende roman heen worstelt, en hier en daar gewoon de ontzettend talrijke uitweidingen overslaat (ssst, niemand zeggen), dan is het een uiterst fascinerende, alomvattende complottheorie, waar het hedendaagse industrieel-militair-complex nog een puntje aan kan zuigen. Stof voor heerlijke discussieavondjes op studentenkamers met goedkope wijn en moeilijke muziek. (Welke muziek? Misschien ook nog eens een lijstje aan wijden...)

*= Disclaimer: deze lijst is natuurlijk verre van volledig en tamelijk willekeurig. Bovendien ben ik wellicht een beetje blijven hangen in de sixties, seventies en eighties. Voel je vrij om hieronder jouw aanvullingen te geven.

Getagd onder

Mirjam van Zelst

Mirjam van Zelst is freelance journalist bij o.a. De Gelderlander en AD en geeft les in journalistiek en creatief schrijven op basisscholen. In haar vrije tijd leest, wandelt, eet, drinkt en reist ze graag.

Deel dit artikel