Skip to main content

Onbevangen en pulserende dansenergie in LUX

| Karin Veldkamp | Dans
Onbevangen en pulserende dansenergie in LUX
Pulse door Krisztina de Chatel | Foto: Tycho Merijn

Op zaterdag 12 oktober staan Krisztina De Châtel en Audrey Apers op de planken bij LUX met het dansdrieluik (Im)Pulse. Deze coproductie van De Châtel sur Place, SALLY Dansgezelschap Maastricht en Ensemble 88 toont drie choreografieën met een sturende rol voor (live) muziek. Wat is het verhaal achter deze productie?

De van oorsprong Hongaarse De Châtel heeft meer dan zeventig choreografieën en drie dansfilms op haar naam staan. Haar voorstellingen draaien rond contrasten en confrontaties; kwetsbare menselijke lichamen tegenover natuurelementen en imposante ruimtes. Met Thirteen Images From The Dark Land (2017) creëerde ze voor het eerst in haar carrière een duet: "In Thirteen Images gaat het om menselijke contact en hoe twee mannen met elkaar omgaan", legt De Châtel uit als ik haar spreek. "Ze omarmen, stoten af, duwen, strijden, zijn lief, kronkelen als beesten uit een oerwoud en gaan hand in hand. De menselijke ziel wordt uitgedrukt in het lichaam. Er zitten veel verschillen in de scènes omdat het is geïnspireerd op dertien verschillende muziekdelen, live uitgevoerd door Ensemble 88."

Opgejaagde vogels

In het dansstuk Pulse (2007) worden de dansers, gehuld in kostuums van Aziz Bekkaoui, door de pianoklanken van György Ligeti meegesleurd als bladeren in een orkaan. Anno 2019 is deze klassieker terug in de theaters. "De choreografie is hetzelfde gebleven maar de uitvoering is met een nieuwe generatie dansers. Ik was heel benieuwd wat zij er mee zouden doen. Het is namelijk een heftige choreografie. De zes dansers hebben allemaal een andere rol waardoor je je afvraagt wat er allemaal gebeurt. Ik vroeg mezelf af; Wat heb ik gemaakt! Het beweegt enorm door de ruimte, het lijken wel opgejaagde vogels". In het verleden werkte De Châtel regelmatig op uitdagende locaties, met groepen buiten de danswereld. Eén van haar drijfveren was om mensen een bijzondere ruimte op een andere manier te laten beleven. "Ik heb gewerkt met brandweermannen, mensen met Alzheimer, reuma en vuilnismannen. In Purmerend, Enschede en andere steden waren brandweermannen partner van het dansgezelschap en brandweerwagens onderdeel van de uitvoering. Brandweermannen zijn vaak sterk en kunnen veel op het gebied van acrobatiek. En ze waren partners in duetten bij het opvangen van de danseressen. Ik liet zien waar hun krachten lagen, zette hun in met ladders en waterslangen."

Evolueren van kunstinstallatie naar podium

De Châtel geeft jonge makers graag een kans. In haar voorstellingen wordt regelmatig ruimte ingeruimd voor gastchoreografen. Met haar Stichting Imperium ondersteunt ze jonge makers op financieel en artistiek gebied. "Ik ervaar het als een uitdaging om Audrey Apers in haar ontwikkeling te steunen". Voor Apers is Labour of Love haar eerste choreografie in het theater, die volgt op voorstellingen in en op kunstinstallaties, altijd in samenwerking met betrokken kunstenaars. Een spannende onderneming voor de jonge maker. "Op het podium moet je natuurlijk rekening houden met andere factoren. Het is vooral zoeken hoe ik het publiek betrek. Jan en ik hebben een welkomsttekst en kijken het publiek daarbij aan, we zoeken naar een onbevangenheid en een gedeelde energie. Het is een evolutie, waarbij we begonnen zijn vanuit een kader die steeds scherper werd en langzamerhand kwam er een climax met een andere energie die dicht bij het hart ligt." Jan Deboom heeft een achtergrond als danser en is in Labour of Love verantwoordelijk voor de muzikale begeleiding. "Ik wil graag grenzen doorbreken als danser door een performer te zijn." Met zijn muzikale aandeel vertrekt hij vanuit een 'kaalheid'. "De basis voor dit stuk was slagwerk. We zijn met een drumstel gaan zoeken welke samples triggerden met het idee een soundtrack te maken die de bewegingen beïnvloedt. Maar op het podium biedt de compositie veel vrijheid met betrekking tot timing, tempo en het aantal bewegingen", vult Apers aan. "Het is een experiment voor ons waarin we een vorm van openheid en kwetsbaarheid naar voren schuiven."

Onderscheidingen

De Châtel werd op grond van haar werk vele malen onderscheiden waaronder de choreografieprijs van de Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties. In 2000 werd zij voor haar gehele oeuvre onderscheiden met de Prijs van de Nederlandse Dansdagen en in 2001 benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. In 2010 ontving zij de Gouden Zwaan voor haar grote bijdrage aan de ontwikkeling van de moderne dans in Nederland.

Choreografieën: Krisztina de Châtel en Audrey Apers / compositie: György Ligeti, George Crumb en Jan Deboom / dans: Luis Pedraza Cedròn, Marina Bilterijst, Alina Fejzo, Ivan Montis e.a. / livemuziek: Ensemble 88 o.l.v. Paul Pankert / toneelbeeld: Conrad van de Ven / kostuums: Aziz Bekkaoui & Mieke Kockelkorn / lichtontwerp: Bernie van Velzen & Otto Eggersglüss

Getagd onder

Karin Veldkamp