Skip to main content

InScience: films om over door te praten

| Jan Maurits Schouten | Film
InScience: films om over door te praten

Alweer voor de achtste keer vindt komend weekeide het Inscience filmfestival plaats. Voor het eerst in maart en ook voor het eerst niet alleen in Lux. Een festival met films en documentaires die ‘iets’ met wetenschap te maken hebben, maar eerst en vooral goede films zijn. Daar is programmeur Rob van den Bergh voor verantwoordelijk. Dé gimmick van Inscience: bij elke film is een voor- of nagesprek met een wetenschapper.

Als de aantallen van voor corona gehaald worden gaan vanaf donderdag in totaal 10.000 mensen van het door hem samengestelde programma genieten. Rob van den Bergh: ‘Nou… ik doe de voorselectie. Maar de uiteindelijke keuze voor de films die we programmeren bepalen we met een groep van vijf.’ Van den Bergh en directeur Daisy van de Zande zijn fulltime met het filmfestival bezig. In de twee, drie maanden in aanloop naar het festival neemt de organisatie toe tot zo’n 25 professionals en vrijwilligers. 

Experimenten in en met films

Het leven van Van den Bergh bestaat niet uit het wereldwijd filmfestivals bezoeken om er de pareltjes uit te vissen voor het Nijmeegse festival. ‘Nee, we zetten een call uit op gespecialiseerde websites, daar reageren film- en documentairemakers op. En we zoeken uit wie de rechthebbende is van een film die we graag willen hebben en schrijven die aan. Als het contact gelegd is sturen ze een beveiligde link en kan ik de film bekijken.’

Dit jaar is het thema ‘experiment’, maar dat betekent niet dat de bezoeker vooral ‘experimentele films’ voorgeschoteld krijgt (al schijnen de aanwezigen bij de officiële opening, dit jaar voor het eerst in De Vereeniging, zich wel op iets daaromtrent te kunnen verheugen). Om een extreem tegenvoorbeeld te noemen: op zaterdag wordt Back to the Future vertoond, de Hollywood blockbuster met Michael J. Fox, een klassiek filmthema: licht-gestoorde professor experimenteert met iets semi-wetenschappelijks, gevolgen zijn niet helemaal volgens verwachtingen. Hetzelfde thema dat ook de Hollywoodfilm The Fly draagt, waarin Jeff Goldblum per ongeluk in een vlieg verandert, zondag op het programma. 

Film als aanleiding

Van den Bergh: ‘Ik geef toe dat het op het randje is. We beoordelen de films en documentaires altijd ook op hun wetenschappelijke gehalte. Vooral in speelfilms hoeft natuurlijk niet alles te kloppen. Er zijn veel films waar de wetenschap er maar zo’n beetje losjes bij wordt gehaald, maar er zijn ook voorbeelden van beroemde films die zeer goed gedocumenteerd zijn en ons dingen laten zien die werkelijkheid zouden kúnnen zijn. Het is dan interessant om daar over na te praten. Die sessies, met vooral wetenschappers van de HAN en de Radboud Universiteit, nemen de film meer als aanleiding dan dat ze hem gaan nabespreken. 

Met de camera een lichaam in

Van een andere orde zijn de documentaires en alles wat tussen documentaire en speelfilm in zit. Van den Bergh: ‘Ik verwacht veel publiek voor de nieuwste documentaire van Werner Herzog, een Nederlandse première, Theatre of Thought, ook op zaterdag. Herzog is natuurlijk heel bekend van films als Nosferatu the Vampyre, Fitzcarraldo en Woyzeck, maar hij maakt zijn hele leven ook documentaires. In zijn nieuwste gaat hij op zijn geheel eigen wijze zoek naar wat we weten over de werking van het brein.’ Een kleinere documentaire is Van den Berghs favoriet van dit jaar: De humani corporis fabrica. ‘De makers gebruiken beelden van wetenschappelijke instrumenten waarmee in het lichaam gekeken wordt. Een ruim twee uur durende film, je kijkt dus echt in ogen en darmen, zó mooi gemaakt, ik had er echt een ‘wow’-gevoel bij.’

Het Triavium en De Bastei doen mee

Dit jaar gaat InScience voor het eerst ook buiten Lux films vertonen (de bibliotheek, met een speciaal programma voor kinderen, deed al langer mee). Zo wordt de film Into The Ice twee keer vertoond. Eén keer voor 77 filmbezoekers in Lux, met een maximum van 35 mensen voor de nabespreking, die uit een therapiesessie over klimaatangst bestaat. De documentaire gaat namelijk over een team onderzoekers die de klimaatverandering in de permafrost in Groenland bestuderen. De tweede vertoning is in IJsbaan Triavium, waar je fysiek de kou voelt die de hoofdrolspelers omringt. 

In de Bastei draait ook een film, Pleistocene Park. Van den Bergh: ‘Over experimenten gesproken. Een excentrieke Rus wil een groot stuk land dat hij bezit terugbrengen zoals in het in de oertijd was. Hij probeert mammoeten terug te kweken, en laat alvast grote grazers overbrengen. Je kunt die film bekijken tussen de beenderen en opgezette dieren in de Bastei.’

Cyborg als hoofdgast

InScience heeft een flink randprogramma. Op het Mariënburgplein komt een ‘Amazing Discoveries-dome’ waar onderzoekers en kunstenaars een podioum krijgen om te vertellen over hun ideeën en innovaties,  studenten van de Artez, in samenwerking met techologiebedrijf NXP decoreren Lux van binnen, er zijn publieksprijzen voor de beste film en documentaire, kinder tv-programma Het Klokhuis schreef een vraagprijs uit over welke wetenschapsvraag het programma zal behandelen, er is een pubquiz in Eetbar Loek en, niet te vergeten: er komt een heuse Cyborg naar Nijmegen: kunstenaar Neil Harbisson, die een implantaat in zijn hoofd heeft met een antenne waardoor hij zichtbare en onzichtbare kleuren kan waarnemen door trillingen. Harbisson pleit ervoor dat de mens zichzelf kan vormgeven, met hulp van techniek.

Maar bij dit alles is Inscience toch vooral een filmfestival waar tientallen films (soms meerdere korte films tijdens één vertoning) eenmalig te zien zullen zijn. ‘FOMO kan ik helaas niet voorkomen’, glimlacht Van den Bergh. ‘Dat is inherent aan een festival: maak een keuze en laat je verrassen.’


Deel dit artikel