Gees Linnebank
Bottendaler Peter Verstraten is filmwetenschapper aan de Universiteit Leiden. Zijn meest recente boek is Spookbeeld van de vrijheid: 10 films van Alex van Warmerdam (International Theatre & Film Books, 2022). Hoofdredacteur Ted heeft Peter ervoor gestrikt om een stukje te schrijven voor Ugenda.
De Nijmeegse wijk met de mooiste straatnamen is die in Noord waar allerlei overleden regisseurs worden geëerd: Jacques Tatistraat, Nora Ephronstraat, Fons Rademakerspark. Het Zuid-Hollandse Berkel en Rodenrijs zou je alleen al een bezoekje brengen om de hulde aan beroemde Nederlandse acteurs: Mary Dresselhuysweg, Will van Kralingensingel, Gees Linnebankstraat.
Maar nog fraaier dan een straat of weg is als er een plantsoen naar je wordt vernoemd: Utrecht heeft het Gees Linnebankplantsoen, ter nagedachtenis aan de acteur die in die stad werd geboren en er in 2006 op 61-jarige leeftijd overleed. Voor het grote publiek zat hij wat onder de radar met talloze bijrollen, in Spetters (Paul Verhoeven, 1980), in De kleine blonde dood (Jean van de Velde, 1994), Flodder 3 (Dick Maas, 1995), maar hij excelleerde tussen 1973 en 1981 in een aantal ten onrechte vergeten hoogtepunten uit de Nederlandse filmgeschiedenis. De vroege jaren zeventig waren een periode van commerciële kassuccessen, zoals Nederland die sindsdien niet meer heeft gekend. Ruim 3,3 miljoen bezoekers voor Turks fruit (Paul Verhoeven, 1973), en des te onvoorstelbaarder als je bedenkt dat Nederland in die tijd beduidend minder inwoners had dan nu.
Maar Linnebank speelde in die periode in bescheiden films met zwarte, of zeg maar gitzwarte humor. In The Family (Lodewijk de Boer, 1973) leven twee broers (Gees Linnebank en Huib Broos) samen met hun zus (Martine Crefcour) en ze geven zich voortdurend over aan bizarre strapatsen, zoals hun onstuimige dans op de instrumentale monsterhit Popcorn van Hot Butter. Er is geen heldere code hoe je The Family kunt interpreteren. Je kunt alleen maar verwonderd toekijken: is het een anarchistische komedie of is het toch vooral een losgeslagen tragedie over een dysfunctioneel gezin?

In de middellange zwart-wit film De blinde fotograaf (Adriaan Ditvoorst, 1973) is Linnebank een cynische journalist die voor een krantenrubriek op zoek gaat naar vreemde vogels. Zijn hoofdredacteur tipt hem over een blinde fotograaf. Dat lijkt een onschuldige visite te gaan worden, maar de fotograaf woont in een uiterst smalle pijpenla, met rare ouders. Hij zit maar in zijn donkere kamer die de journalist alleen mag betreden als hij eerst een zaklantaarn zonder licht op de kop tikt. En hoe langer de film duurt, hoe bizarder die wordt.

Naar verluidt is het zwartgallig-surrealistische De blinde fotograaf een van de favoriete films van Dick Maas. Dat lijkt vreemd, want Maas is vooral bekend van een aantal volkse komedies rondom de familie Flodder, de thriller Amsterdamned, met spectaculaire botenachtervolging, of Moordwijven, een hilarische klucht over drie door plastische chirurgie geobsedeerde golddiggers. Maar half juli zag ik bij een eenmalige vertoning in Filmmuseum Eye twee films met Linnebank, die Dick Maas had geregisseerd nog voor zijn langspeelfilmdebuut De lift (1983). Beide films hadden eenzelfde macabere en toch ook humoristische toon als De blinde fotograaf.
In Adelbert (1977), de eindexamenfilm van Maas aan de Filmacademie, speelt Linnebank de aan lagerwal geraakte Joris. Openingsbeeld: hij heeft zijn hoofd in de oven gestopt, waarna de hospita op zijn deur bonkt omdat ze wegens huurachterstand het gas heeft laten afsluiten. Na deze mislukte poging tot zelfmoord zint Joris op andere mogelijkheden – die even grappig als grimmig zijn. Maas heeft zijn film, die een goed half uur duurt, eigenhandig gerestaureerd, en onlangs op YouTube geplaatst. Schroom niet, en pak dit cadeautje uit.
Waarom de film Adelbert heet, blijkt uit de laatste scène, maar de titel, zo vertelde Maas in Eye, is gebaseerd op een vergissing. Maas meende dat een kennis van zijn mede-Filmacademiestudent Martin Lagestee Adelbert heette, en hij vond dat zo’n frappante naam dat hij zijn film die titel gaf. Bleek die kennis uiteindelijk Adelbrecht te heten.
Maar nog beter dan Adelbert is Rigor Mortis (1981), een voor de VPRO gemaakte film van 63 minuten, die vanwege onduidelijkheid over rechten zelden te zien is geweest. Maas heeft ook deze film gerestaureerd en geüpload:
Op de aftiteling aan het eind kom je de naam van Marc De Maere tegen, een Belg die in 1975 het Guinness Book of Records haalde omdat hij maar liefst 105 dagen in een kist onder de grond had gelegen. Deze bizarre prestatie inspireerde Maas tot Rigor Mortis, waarin Karel Hemelrijk het record ‘levend begraven’ probeert te overtreffen.
De film suggereert dat het wereldrecord grafliggen op 247 dagen staat, dus als we bij het begin van de film dag 124 ingaan, is Karel nog maar op de helft. We zien Karel nooit in beeld, maar terwijl de begintitels melden dat ‘Jan Ballen’ de rol van ‘Karel’ speelt, bevestigen de eindcredits dat het toch heus de stem van Wim T. Schippers is die we steeds hoorden – ook bekend van de stem van Ernie uit Sesamstraat.
De cast is sowieso subliem: Olga Zuiderhoek is geweldig als de vrouw van Karel die erop had gespeculeerd dat de poging een hoop klandizie zou opleveren voor hun nauwelijks door iemand gefrequenteerde café – bij Marc De Maere waren indertijd 26.000 mensen komen kijken. Michiel Kerbosch speelt een heerlijke rol als een lulletje rozenwater, er komt een Duits gezin langs met een hond die een nog frappantere naam heeft dan Adelbert of Adelbrecht en er arriveert een televisieploeg om een reportage te maken.
Linnebank is de besnorde cameraman en Rijk de Gooyer de sarcastische televisiejournalist. Op een gegeven moment merkt deze op: ‘Het is een mooie verzameling bij elkaar. Een idioot onder de grond, de plaatselijke dorpsgek en een hitsige deerne achter de tap. Veel erger kan het toch niet worden?’ Maar dan moet Helmert Woudenberg als de getraumatiseerde motoragent in een krakend leren uniform nog binnenkomen. Gaat dat zien; gratis en voor niks op YouTube, of u nu in het Nijmeegse Bert Haanstrapark woont, of in het Vlaamse Kieldrecht, woonplaats van Marc De Maere.