Skip to main content

Een compleet museumplan waar we wat aan hebben

Een compleet museumplan waar we wat aan hebben
Ruitermasker in Het Valkhof | Foto: Jan Maurits Schouten

Eindelijk eens een plan dat niet 'Nijmegen op de kaart moet zetten' of zo, maar één dat de vraag beantwoordt wat voor voorzieningen onze stad passen: er ligt een omvattend en samenhangend plan voor Museum Het Valkhof, museum Kam en het archeologisch depot op tafel. Kost wat, maar dan wordt het ook wat.

Vijfentwintig miljoen, zegt De Gelderlander, die weer eens zoveel mogelijk kosten bij elkaar heeft opgeteld voor een alarmerend verhaaltje. Maar goed, ik zou het knap vinden als ze alle plannen daarvoor ook kunnen uitvoeren. Maar het is nodig en het moet ook - zo ongeveer - op deze manier gebeuren. Gemeente, provincie en museum steken hun nek uit en daar zal wel driftig op worden ingehakt, maar ik ben wel blij met eindelijk een beetje daadkracht en visie in het zich tot nu toe door de modder (voort)slepende dossier van ons stadsmuseum en de archeologische schatten van de provincie.

Ben van Berkel niet blij

Wat gaan ze met die miljoenen doen? Nou, ten eerste die blauwgroene doos op het Kelfkensbos maar eens van nieuwe bedradingen en leidingen voorzien. Schijnt een takkenzooi te wezen en nodig aan vervanging toe, op straffe van het verliezen van de vergunning om er ook maar iets in te bewaren of tentoon te stellen. Dat is verwonderlijk genoeg en het pleit bepaald niet voor de heren die in 1999 toezicht hielden op de bouw van het museum, want zoveel zal ons verlangen naar verwarming, ventilatie, lucthvochtigheid en stroomvoorziening in die twintig jaar toch echt niet veranderd zijn. Ik weet er toevallig wel iets van, maar het komt zelden voor dat een gebouwinstallatie in zo korte tijd zó op is. Maar dit is bekend hè? We weten al jaren dat deze ingreep moet gebeuren.

Maar er is meer. Eindelijk wordt toegegeven dat dit gebouw van architect Ben van Berkel dan misschien wel mooi mag ogen - ik vind eigenlijk van niet -, maar niet zo erg voldoet aan de functie die het heeft. We hebben een grote, diverse verzameling te tonen in onze rijke, grote stad. En wat bouwde Van Berkel? Een gebouw voor een veel kleinere collectie, die toch een beetje groots moest lijken. Dus maakte hij eerst een belachelijk grote en brede en oncomfortabele trap. En daaromheen bouwde hij gangetjes en hokjes. Alles veel te klein, te benauwd, moeilijk te segmenteren en in te richten; een doolhof.

Daar gaan ze nu dus iets aan doen. Er moet een duidelijker entree komen - iets wat ik nog het minste mis -, het gebouw moet worden opgetopt en een uitzichtpunt krijgen in het kader van het Valkhofkwartier-beleven - en een beetje nasleep van de Donjon-dromerij, als je het mij vraagt. Kortom: dat hele ontwerp gaat op de schop. Ben ik blij mee. Toparchitect Ben van Berkel wat minder, vermoed ik, dus dat wordt nog een gevecht op zich. (Al laat ik mij vertellen dat er al met de architect gesproken is 'er niet onwelwillend tegenover staat'. Zal hij de opdracht voor de verbouwing krijgen?)

Elk excuus aangrijpen

En dan is een deel van het geld ook voor het moderniseren van de ruimten van het prachtige Museum Kam. De functie die het nu al heeft: onderzoek en onderwijs, verdieping en documentatie van archeologische vondsten, gaat nu eindelijk van zijn bordpapieren en houtje-touwtje-inrichting af en krijgt de voorzieningen die nodig zijn. Prachtig in zijn folieachtige, wansmakelijke, neoromanistische onzin-historisering van honderd jaar geleden dat gebouw overigens, maar dus wél een prettig gebouw. Heerlijk om in rond te lopen. Ik mag hopen dat het zijn publieksfuncties zal krijgen met veel activiteiten en uitleg, want elk excuus om daar te komen moet je aangrijpen.

Bodemschatten

Ten slotte, jij wist het niet en ik ook niet, moet er geld naar het archeologisch depot. Want dat hebben we. Het staat aan de Nieuwe Dukenburgseweg. Google streetview laat vooral bomen zien met daarachter een gebouw. Mooi zo. Lekker ontoegankelijk, niet voor iedereen. Leg daar al die bodemschatten uit de rijke geschiedenis van de weidse Gelderse streken dan maar neer, archiveer het, onderhoud het, en toon ze nu en dan in dat nieuwe prachtige Museum Het Valkhof.

Altijd iets bijzonders

Want dat zit ook in de plannen: de ontwikkeling van ons stedelijke museum zelf. Met de juiste accommodatie en voldoende budget moet het mogelijk zijn daar een plek van te maken zoals zoveel provinciesteden hebben: een plek in de eerste plaats voor de lokale bevolking om er de kunst te bewonderen die er thuishoort en vertelt over de eeuwen die er passeerden. Zoals je in Amsterdam altijd even langs de Nachtwacht kan, of langs De Zaaier, zo kun je in Nijmegen altijd even langs de ruitermaskers. In de tweede plaats is het een plek voor de bevolking om er kennis te nemen van de nieuwste ontwikkelingen in de kunsten in binnen- en buitenland. Deze functies zijn cruciaal voor een stad van het statuur van Nijmegen. En in de derde plaats is het dan een plek waarvoor mensen van heinde en verre naar onze stad komen: stadje pakken, maar dan ook altijd even langs dat deksels gave museum, want daar is altijd iets bijzonders.

Klink ik enthousiast? Dat is dan niet toevallig. Ik ben het ook. Het is allemaal niet heel revolutionair, er zitten haken en ogen aan, maar het is de juiste manier om een toekomstbestendige voorziening te maken die deze stad waard is.

„Zoals je in Amsterdam altijd
even langs de Nachtwacht
kunt lopen, kun je
in Nijmegen altijd even
langs de ruitermaskers”

 

Getagd onder