20 jaar Nijmegen: Waar is de rock-’n-roll, de DIY?
Is er wel veel gebeurd in Nijmegen tussen 2000 en nu? Ik denk het wel. Het zit niet in de mens om stil te zitten. Het ligt er steeds aan welk perspectief je kiest.
Ik kies met opzet het perspectief van de student, de jongeling die volwassen werd in een Nijmegen van de jaren 90, die depressief was over de toekomst en de natuur, maar zich machteloos voelde, zich interesseerde in nieuwe dingen, die zich kon verbazen over het establishment, die echter niet zo politiek geëngageerd was dat hij de barricades op ging, maar ging feesten, zichzelf wilde verliezen om te vergeten, omdat hij niets kon en dacht te kunnen veranderen. Had ik, en hadden velen met mij, het gelijk aan onze kant?
De naar men zegt oudste stad van Nederland is een aparte stad met een mentaliteit, een eigenheid die we in niet veel andere steden terugvinden. Wat wil je ook met zoveel studenten, een groot medisch centrum, een prachtige omgeving waar vierdaagselopers en natuurliefhebbers hun hart kunnen ophalen, en een kritische mentaliteit. Of moet ik nuilende mentaliteit zeggen?
'...de nachtburgemeester
deed zijn best maar
kon niet omdraaien
dat de horeca verschraalde'
Ik was rond 2000 net afgestudeerd, draaide als dj en een van laatste ‘eeuwige studenten’ in uitgaand Nijmegen: studentenfeesten, Extase, Diogenes, café België, Billabong. Generaties steeds sneller afstuderende studenten zag ik komen en gaan in de 20 jaar erna. Ze namen minder tijd om hun inhoudelijke stempel op de Nijmeegse cultuur te drukken. Maar er bewoog wel iets in cultureel Nijmegen.
De jaarlijkse Vierdaagse / Zomerfeesten zag ik steeds groter worden. De film kreeg een nog belangrijker aandeel binnen de Nijmeegse cultuur, N.E.C. presteerde steeds minder goed, de grote concerten in de Goffert mochten op meer aandacht rekenen, Museum Valkhof raakte in het slop, LUX is een vaste denominator van de film-minnend Nijmegen geworden, de nachtburgemeester deed zijn best maar kon niet omdraaien dat de horeca verschraalde. Doornroosje verdween uit het oude schoolgebouw en krijgt er een hypermoderne en bijna te mooie en te affe live-plek voor terug. Waar is de punk?
Op meerdere plekken worden ‘culturele broedplekken’ gemaakt, die de pluriformiteit moeten waarborgen. In vervallen loodsen en op fabrieksterreinen. Honig gaf een ruigheid-standaard, Waalhalla zorgde voor feesten en skaten. Vasim voor de grote feesten en andere alternatieve kunsten. Drift werd een begrip. Extrapool, Onderbroek, Plak en de cultuur eromheen werden een bubbel.
De kleine aparte disco’s waar je nog muzikaal verrast kon worden, verdwenen langzaam uit het uitgaans-spectrum; Diogenes, Swing, Taboe, Extase, Underground (Gonzo), Billabong. Alleen de coffeeshop hield het nog vol. En de cafés aan de Molenstraat. 40-ers die de echte muziek misten konden naar OZO-feest en SWING-reunionparty’s. Alternatieven zijn er niet veel meer.
'...bijna elk weekend
was er wel een festival.
Te veel - overkill en een
overdaad aan keuzes.'
De samenleving ging steeds meer online en mobiel, ging steeds meer ‘social media’, haalde steeds meer de muziek van Spotify, iTunes en andere social media. Het nekte de live-verrassing een beetje. Bij Down The Rabbit Hole kon men dat weer een beetje inhalen. Festivals, die gingen de live-beleving bepalen - bijna elk weekend was er wel een festival. Te veel - overkill en een overdaad aan keuzes.
Elke uiting is uiteindelijk tijdelijk, maar langzaam zie ik de mogelijkheid om uit de band te springen voor jongeren verdwijnen. Is het geheel eenvormig geworden? Nee, er is nog genoeg te beleven en te zien in Nijmegen. Het heeft echter niet meer de vrijbuiter-jus die het rond 2000 had. Daar waar ook vegetariërs nog veelal studenten waren die het dierenleed verafschuwden, daar waar ik in elke hoek van Nijmegen een singer-songwriter, een theatercollectief, een Nijmeegse beginnend schrijver, een dj, een beeldhouwer en een natuurbewonderaar zag, zag ik ook een mentaliteit opstaan van effect, van rendement, van het geld en het budget, de professionalisering van het ‘evenement-ambacht’, de teruggang en wellicht weer wederopstanding van de vrijwilliger, en het alom-aanwezige festivalgevoel.
Ja, ik ben ook ouder geworden, niet de student van toen - oude mensen vinden vaak ‘het vroeger’ bijna altijd beter, ik klaag niet, maar ben wel kritisch: de plekken van betekenis, met rafelranden van spontaniteit, met spannende kunst, met kleinere initiatieven die aandacht kregen maar nu moeten vechten om gezien te worden, die worden er minder. Zij die dit niet vinden: overtuige mij!
Het is maar vanuit welk perspectief je Nijmegen bekijkt: de rock-’n-roll en de punk is ver te zoeken in Nijmegen. Een soort rustoord lijkt deze stad nu, en de coronatijd vergroot het nog eens uit. Tijd voor de jongeling om recalcitrant maar op een intelligente manier te ontwaken. Kom op!
Getagd onder
Remy Angel
Afgestudeerd Cultuur en Mentaliteits Historicus en werkzaam als beheerder van de Thiemeloods.