De muziek blijft
Wat opvalt aan een jazzconcert van een bandje waar Jules Deelder in speelt? De mensen komen niet meer voor de bijna zeventig jarige dichter, al kan men nog steeds waarderen, bleek tijdens het optreden van de Deeldeliers, 1 november, in Lux. Dat was vooral een jazzfeest.
Zou zaal 8 van Lux ook afgeladen vol zijn geweest als er 'zomaar' een jazzband opwindende vijftigerjarenjazz had gespeeld? Met de uitmuntende pianist Bas 'dominee achter het klavier' van Lier achter een ronkend en stampend Hammond-orgel, de ruige Boris van de Lek op gevaarlijk scheurende saxofoon, die hij 'de koning van de ballad' even goed smeltend-zoet kan laten strelen, en met de temperamentvolle Erik Kooger, als gentleman gekleed, maar een beest achter de pannen, op drums?
Eerlijk gezegd denk ik van wel, al dragen de ritmische effecten die Jules Deelders toevoegt met zijn brushes op de staande snaredrum zeker aan een rijk klankbeeld bij. Want voor het repertoire van de Deeldeliers is een groot publiek. Een publiek dat daartoe ook weer, het zij toegegeven, mede door Deelder is klaargestoomd: want al jaren draait hij door heel Nederland als dj de jazzplaten die hij als jongeling in Rotterdam op niet altijd legale manier verzamelde.
En laten we niet vergeten dat Deelder al heel lang actief is als muzikant. Al in 1969 met de band Popera, om maar iets te noemen.
Wat eerder opviel aan het concert in Lux is dat de mensen niet meer per se naar een optreden van de deze maand de zeventig bereikende speeddichter komen voor zijn poëzie. Het programma van de Deeldeliers is nog wel losjes op Deelders dichterschap en performancekunsten gebaseerd: toetsenist Van Lier functioneert als 'aangever' die tussen de nummers door Deelder tracht te verleiden tot een praatje, gedicht of verhaal. Een methode die goed werkt: Deelder put moeiteloos uit een groot arsenaal aan onderhoudend materiaal en op deze manier is hij elke avond vrij om dat op gevoel improviserend te doen. In Lux leidde dat niet tot een bijzonder geïnspireerd geheel. Want er waren wel erg veel moppen van het 'komt een man bij de dokter'-niveau. Wat zo extra opviel is dat veel van Deelders gedichten eigenlijk ook een soort van lolletjes zijn. Al klopt het dat zijn observeringen vaak raak zijn en zaken net in een ander daglicht zet. Zoals het ultrakorte gedicht zonder titel, luidende: 'fuck sex'.
Wel warmbloedig en enthousiast werd het optreden als het gesprek over jazz ging. De avond is een ode aan een inmiddels compleet uitgestorven generatie Amerikaanse jazzgrootheden waarvan wondermooie foto's voortdurend op het doek achter de band geprojecteerd worden. Daar leer je als geïnteresseerde toeschouwer veel van. Je wordt op het spoor gezet van artiesten als Johnny Griffin, Ben Tucker en Hank Mobley, stuk voor stuk namen om op door te zoeken.
En zo werd het op veel manieren een onderhoudende avond. Bij uw recensent kwam wel opeens de gedachte op waarom de Deeldeliers eigenlijk in een theaterzaal van Lux staan, en niet in een danszaal van Doornroosje, want het blijven zitten op de harde en wankele stoeltjes (kan er even iemand van de technische dienst met een steeksleutel de schroeven van alle zeteltjes nalopen?) was lang niet altijd gemakkelijk, en bij de uitsmijter, The Hooker, van Rusty Bryant, zelfs bijna onmogelijk. Maar goed: de band bleek ook een cd gemaakt the hebben, ('De Deeldeliers'),die ter plekke te koop werd aangeboden en gesigneerd, zodat het alsnog los kan gaan.
Getagd onder
-
Watde Deeldeliers
-
WaarLux