Skip to main content

Een paar dagen geen feest

| Jan Maurits Schouten | Column
Een paar dagen geen feest
Kabinet van Knotsenburg | Foto: Knotsenburg.nl

In mijn studententijd placht ik regelmatig, naast allerlei andere ongebruikelijke kledingstukken, een boerenkiel te dragen. Behalve in februari, want dan zond ik opeens een heel andere boodschap uit. Knotsgek Knotsenburg gaat weer helemaal los, tussen de gewone mensen in. Over de lastige relatie tussen carnaval en Nijmegen.

Zo'n carnavalsoptocht op zondag, dat is nog best wel aardig hoor. De kinderen kunnen de outfit, die ze in de afgelopen dagen bij elkaar gesprokkeld hebben voor het schoolcarnavalsuurtje van vrijdagmiddag, tóch nog een keertje aan. En er zijn altijd genoeg wagens te vinden uit omringende dorpen om de optocht te vullen. Dorpen waar ze wel echt met zijn allen losgaan, en waar ze heus wel even uit het feestgedruis willen opduiken om een ererondje door de Keizerstad te rijden. Puiflijk bijvoorbeeld. Je hoort er nooit van, behalve als je er eens een keer moet voetballen. Of dus tijdens carnaval, als dit dorp zo'n beetje de halve stoet in Nijmegen vult.

En dan kom ik vaak op die zondag in mijn buurtcafetaria, als ik patat ga halen ter ere van het begin van de vakantie. En dan zitten daar opeens verschillende keurige schoolouders, in kennelijke staat, met een geknakte veer op het hoofd of een afgezakte tulband. Er schijnt een buurtkroeg een roemrucht kindercarnaval te organiseren. Waar de ouders per se bij moeten blijven en de verplichting op zich nemen om de bierkraan leeg te trekken.

Verder merk je nooit wat van carnaval in Nijmegen. Behalve dus als je per ongeluk met een boerenkiel aan gaat winkelen. Je krijgt dan meewarige blikken van het kooplustig publiek, van: ‘Daar heb je weer zo'n sneue feestneus.’

Ik kom zelf van de Veluwe, waar de mensen alleen straalbezopen raken tijdens de jaarlijkse kermis, in de biertent. En verder zo'n beetje elk weekeind alle jongeren, als ze steeds aangeschotener op hun brommers tussen de diverse disco's heen en weer crossen. 'Lekker onbenullig doen', noemen ze daar dat wat ze hier onder carnavaleske jolijt verstaan.

Goed, ik heb er genoeg van gezien om te beseffen dat carnaval voor veel mensen een levensvulling is, en iets heel bijzonders, ja, zelfs iets spiritueels kan betekenen. Heb wel eens mensen in een soort vervoering de hoempapa zien dansen, waarmee een legertje derwisjen vergeleken niets is. Maar doe dat alsjeblieft dan toch niet hier, in onze stad, waar je van kroeg naar feesttent loopt, dwars tussen de normale mensen door! Een overgrote meerderheid van de mensen hier feest als ze willen feesten, drinkt als ze dronken willen worden en doet onbenullig wanneer ze daar goesting in hebben, niet omdat er een Alaaf in de klok zit. 

Ik zal blij zijn als carnaval voorbij is en we ons weer kunnen laten gaan.

 

 

Getagd onder