Skip to main content

Schrijfster Marjolein Visser geeft een stem aan hen die weinig gehoord worden

| Pieter Nabbe | Woord
Schrijfster Marjolein Visser geeft een stem aan hen die weinig gehoord worden

Onlangs werd ze bekroond met de Cultuur Stimuleringsprijs en vandaag is haar nieuwe roman Hou je Stil verschenen. Omringd door boeken in Dekker van de Vegt spreekt redacteur Pieter Nabbe met Marjolein Visser over haar werk, werkwijze en haar personages, voor wie ze een groot hart heeft.

Dag Marjolein, leuk je te ontmoeten. Proficiat met de Cultuur Stimuleringsprijs. En met je nieuwe boek dat binnenkort uitkomt. Zou je je, voor degenen die je nog niet kennen in het kort even willen voorstellen? 

“Zeker! Ik ben Marjolein Visser, geboren in Den Haag, opgegroeid op de Veluwe en daarna in Friesland. Maar ik woon al heel lang in Nijmegen, waar ik heb gestudeerd: Culturele Antropologie & Ontwikkelingsstudies en Klinische Psychologie. Ik heb hier ook gewerkt, onder andere voor het academisch schrijfcentrum van de Radboud Universiteit en als student-assistent. Als veldwerkbegeleider van de RU ben ik naar Mexico gereisd. Daarnaast heb ik gewerkt voor het CIDIN, het Centre for International Development Issues Nijmegen.”

“Omdat ik concreter aan het werk wilde ben ik in een traumakliniek aan de slag gegaan als hulpverlener en heb me er als psycholoog in opleiding ingezet voor vluchtelingen en asielzoekers. Dat zette me aan om meer te gaan schrijven. Dat deed ik al, maar toen kreeg ik echt de kans om meer als professional te gaan schrijven.”

“In die tijd won ik een schrijfwedstrijd van de VPRO die me in staat stelde om vluchtelingen te begeleiden die bang waren om uitgezet te worden en die uiteindelijk ook daadwerkelijk ons land moesten verlaten. Wat dan? Hoe gaat die reis dan verder? Daar weten we in Nederland heel weinig van. Zo ben ik in Mali terechtgekomen waar ik onderzoek heb gedaan en er over geschreven heb.

"Ik heb destijds ook de schrijfwerkplaats opgezet (inmiddels geïntegreerd in het programma van de Wintertuin, red). Want ik zag dat veel vluchtelingen en asielzoekers schrijftalent en -ambitie hebben, maar zij krijgen op publicatievlak in ons land weinig kansen. Zij zijn vaak onzeker omdat ze de taal niet machtig zijn. Daarom heb ik bij azc’s en nt2-scholen aspirant schrijvers gescout die in het land van herkomst al journalist, dichter of schrijver waren.”

Marjolein Visser foto Peter van Esch headerfotoMarjolein Visser © Peter van Esch


Hoe maak je dan uiteindelijk de overstap naar fictie?
“Ik kreeg door mijn opleiding en ervaringen in het onderzoek/de hulpverlening steeds meer input om fictie te gaan schrijven. En tijdens mijn studie deed ik al mee aan schrijfwedstrijden. En ik schreef al kinderverhalen, voor bijvoorbeeld Radio 4, de slaapservice: om 00.00 uur ’s nachts las ik dan een kort verhaaltje voor.”

Radio 4, hoe kwam je daar terecht?

“Ik werd destijds gescout door productiehuis Wintertuin. Zo kwam ik in een literair ontwikkeltraject terecht. Via hen heb ik een aantal heel fijne kansen gekregen. Zij hebben mij echt geholpen om beter te worden en mezelf te ontwikkelen.”


In 2020 verscheen Restmens, een ingenieuze en aangrijpende roman waarin het perspectief heen en weer schakelt tussen de verstandelijk beperkte Pim, en de 40-jarige socioloog David, die na een ongeluk invalide is geraakt. De schrijfster ontvouwt geleidelijk aan een verhaal waarin deze personages zich moeten verhouden tot een samenleving die vooral gericht is op prestaties.

Restmens was je debuut?

“Ja voor volwassenen. Daarna schreef ik mijn jeugdromandebuut De Verboden Duinen. Voordat ik daar aan begon heb ik interviews afgenomen met kinderen van ouders die slachtoffer zijn van de toeslagenaffaire, of van kinderen met ouders met psychische problemen.”

“Een beroemde Nederlandse schrijver zei eens: ‘De journalist formuleert wat de massa denkt en de schrijver brengt het taboe aan het licht.’ Herken je jezelf hierin?”
“Ja, ik denk het wel. Ik probeer in ieder geval niet de massa te pleasen maar verhalen te brengen die niet zo vaak worden verteld. Ik bijvoorbeeld geschreven over kinderen in azc’s en hun meest betekenisvolle vriend, als een manier om te vertellen over hun leven en wie ze zijn en wat ze leuk vonden. Dat was positief en existentieel bedoeld, ik schreef ze voor het Parool. Ik vond het belangrijk om hun verhalen te vertellen, juist omdat vluchtelingen steeds minder positief gezien worden vanuit onze samenleving en ze steeds slechter worden behandeld. Ik hecht er belang aan om op een andere manier over hen te schrijven. Of vanuit het perspectief van iemand met een verstandelijke beperking zoals in Restmens. Of vanuit dat van een vluchteling zoals in mijn nieuwe boek. Dus ja, ik kan me wel vinden in die uitspraak.”

Sommige schrijvers doen er jaren over om hun stijl te ontwikkelen. Hoe heb jij de jouwe gevonden?

“Ik schrijf graag vanuit mijn personages; ik probeer hen zo dicht mogelijk op de huid te zitten en hun gedachtes zo realistisch mogelijk te laten zijn. Een plotschrijver ben ik niet zozeer, dus ik besteed heel veel aandacht aan karakterontwikkeling. Mensen, karakters zijn complex en niet goed of fout. Ik vraag me dan ook voortdurend af hoe iemand in een bepaalde situatie denkt of doet. Ik probeer die gedachtes ook steeds weer in een andere toestand van ‘zijn’ te formuleren; als ik ga slapen of als ik ben wakker ben. Soms laat ik een tekst een maand liggen en kijk er dan weer naar. Ik neem ze heel serieus.”

Als je aan een boek begint, hoe kies je dan je perspectief?

“Je hebt schrijvers die een schrijfplan maken en alles volgens een vooropgezet plan uitdokteren. Dat kan ik niet. Ik ben een intuïtieve schrijver. Sommige dingen gaan juist vanzelf, of moeten vanzelf gaan. Als dat gebeurt dan weet ik dat ik op de goede weg ben. Met Restmens bijvoorbeeld waren er aanvankelijk vier personages. Dat zijn er uiteindelijk twee geworden. Die werkten.”

Hecht je je aan je personages?

“Jazeker, ik leef met ze mee. Als zij iets naars meemaken, voel ik dat ook een beetje. En ik heb met mijn redacteur geregeld gesprekken over ze alsof ze bestaande personen zijn. ‘Het is niks voor haar om te doen’. Of: ‘Ik hoop wel dat ze dan dit en dit meemaakt’. Als ik dan klaar ben met schrijven, is het ook een soort afscheid nemen van hen.”

En nu is je nieuwe roman verschenen Hou je Stil

“Voor dit boek sprak ik met tientallen mensen met asielervaringen. En met traumapsychologen, mensenrechtenactivisten, antropologen, journalisten, uitgezette mensen en slachtoffers en daders van kartelgeweld.”

Je laat je kennen als een geëngageerd schrijfster. Waar komt jouw betrokkenheid met vluchtelingen, kansarmen vandaan?

“Ik denk door mijn werk in het onderzoek en in de hulpverlening. Vaak dacht ik als iemand mij iets vertelde: wat een verhaal – daar zijn mijn geprivilegieerde problemen niets bij. En waarom weet ik hier niets van – zit iemand met een dergelijk probleem bijvoorbeeld zelden in een talkshow?”

Wat betekent de Cultuur Stimuleringsprijs voor je?
“Ik ben dankbaar voor de aandacht en erkenning van de jury. Het is een grote eer. Tegelijk denk ik ook dat iemand anders die prijs had kunnen krijgen – er zijn zoveel mensen die mooie en belangrijke dingen maken – het is in die zin een beetje appels met peren vergelijken. Maar ja, ik ben er blij mee.”

De roman Hou je Stil ligt vanaf vandaag in de boekhandel.

Meer info: www.marjolein-visser.nl

Getagd onder

  • Wat
    'Hou je Stil' van Marjolein Visser
  • Waar
    Dekker van der Vegt

Deel dit artikel