Valkhof Museum gaat weer open (en ja, de trap is er nog)
Donderdag is koningin Máxima te gast, de Vrienden van het Valkhof werden begin van de week al ontvangen, en ook de media konden deze week uitgebreid kennismaken met het vernieuwde Valkhof Museum. Zaterdag 4 juni gaat het weer open voor het publiek. Het museum stak 3 miljoen euro in de museale herinrichting. De gemeente Nijmegen – sinds vijf jaar eigenaar van het gebouw – gaf 15 miljoen euro uit voor de complete verbouw, renovatie en verduurzaming. “Cultuur groeit en bloeit niet vanzelf," aldus cultuur-wethouder Noëlle Vergunst. “Als we als stad onze culturele infrastructuur willen behouden en versterken, moeten we daarin bewust investeren.”
“Hé, de trap is er nog”, reageert een bezoeker. Iedereen is bij binnenkomst heel geïnteresseerd in die enorme trap, die de afgelopen kwart eeuw zoveel reacties kreeg. De trap was te lang, te breed, te eng en te weinig contrastrijk, oordeelden mensen al snel. Maar ja, het trappenhuis is er zeker nog, want afbreken kan niet: dan zou de complete constructie van het gebouw in elkaar zakken. De trap is er, maar nu fel roze belijnd.
Mens op de grens
En voor de rest is er veel, heel veel veranderd in het ‘Aquarium’ of ‘Zwembad’, zoals het museum met de grijsblauwe vakken in het Nijmeegse nogal eens genoemd wordt. Op de zijgevel van het gebouw staat nu in forse letters de naam ‘Valkhof Museum’. Dat was in de beginjaren ook not done.
Bij de ingang is veel ruimte en licht gekomen, een grote ruimte met opvallende kluisjes, een ruime museumwinkel. Door de ramen van het atelier achterin kunnen bezoekers live zien hoe voorwerpen gerestaureerd worden, er is een vrolijk ingericht restaurant met voorterras. De complete archeologische verzameling is verhuisd naar de onderverdieping. ‘Mens op de grens’ is daar de rode draad. Op de bovenverdieping is alle ruimte voor wisselende tentoonstellingen, zoals nu voorlopig onder meer ‘Van Binnenuit’. De kunstenaars FreelingWaters, Kader Attia, Narges Mohammadi, Nick Verstand en Mette Sterre pakten op verzoek van het Valkhof allemaal één emotie bij de hand: vreugde, woede, verdriet, verbazing of angst. Ze geven er hun compleet eigen draai aan, mét meer of minder elementen van de Valkhof-collectie erin verwerkt.
Topfotograaf Robin de Puy maakte portretten van 34 Nijmegenaren die ze achtereenvolgens vrolijk, verdrietig, verbaasd, boos en bang liet kijken. Maar liefst duizend mensen hadden zich daarvoor aangemeld. De 34 sieren op een metershoge fotowand, sommigen die het niet haalden hangen op een muur bij het restaurant.
Van binnenuit, wand met 34 Nijmegenaren, geportretteerd door Robin de Puy. Fotografie: Ivar Pel
Levendigheid en verbinding
Wethouder Vergunst weet het zeker: “Straks kun je Nijmegen niet meer bezoeken zonder óók een bezoek te hebben gebracht aan het Valkhof Museum. Het museum laat zien hoe een culturele instelling zichzelf opnieuw kan uitvinden zonder haar identiteit te verliezen.” De gemeente investeert. Het museum geeft terug aan de stad in de vorm van levendigheid, inspiratie en verbinding, aldus Vergunst. “Het Valkhof is er voor iedereen die nieuwsgierig is naar andere verhalen en perspectieven. Het laat zien waar we vandaan komen, het stelt vragen over waar we naartoe gaan.”
Sluitsteen
Het Valkhof Museum telt 95.000 objecten, deels tentoongesteld, en veel in depot. Hedwig Saam – nu nog directeur-bestuurder, in het najaar gaat ze met pensioen – verwacht dat het museum iets van 120.000 bezoekers per jaar gaat trekken, “net als in de succesvolle jaren van het Valkhof”.
“Deze verbouwing is de letterlijke sluitsteen van een lang proces van grote investeringen. Het pand was bouwkundig aan een stevige update toe, de inrichting moest anders, want de verwachtingen van de bezoekers zijn veranderd. Een museum is geen stille opslagplaats van het verleden meer, maar een publieke ruimte voor ontmoeting en reflectie.” Kijk, verwonder je en stel kritische vragen, wil ze maar zeggen. “We sluiten het erfgoed niet op achter glas, maar gaan actief het gesprek aan.”
Steeds nieuwe vondsten tonen
De termen vaste collectie en wisseltentoonstelling zijn eigenlijk ook niet meer van deze tijd. “Niets is hier vast of statisch meer”, aldus Barbara Kruijsen, hoofd collectie & onderzoek. “Je mag het bij ons in huis bij wijze van spreken niet meer hebben over ‘de vaste presentatie’. Omdat we ervoor hebben gekozen om ook in de toekomst heel gemakkelijk nieuwe vondsten en creaties te laten zien. Ze kunnen vertellen over de uitkomsten van actueel onderzoek, ze bewegen mee met de wereld om ons heen. Juist hier, in de oudste stad van Nederland, laten wij zien dat heel lastige vragen over identiteit, macht, migratie en samenleving echt van alle tijden zijn. Het geeft een nieuwe kijk op de wereld, op verleden en heden.”
Power of the People van Fernando Sanchez Castillo. Fotografie: Ivar Pel
Keizers met humor
Het Kelfkensbos, het plein voor het museum, is nog niet helemaal klaar, om het zacht uit te drukken. “Hopelijk reist Maxima niet per helicopter”, klinkt het. Dat wordt één en al zandverstuiving. Vóór de Vierdaagsefeesten móet het plein een stuk toegankelijker zijn. Uiteindelijk komt er ook nog meer groen en zitgelegenheid. Kunstenaar Fernando Sánchez Castillo maakt beelden van drie grote figuren uit het Romeinse verleden van de stad: beelden met veel humor. Keizer Augustus staat op de kop en Vespasianus helt achterover. Civilis zit half in de grond: is het een opgraving of gaat hij ten onder? De Spaanse kunstenaar heeft tot half november ook de expositie ‘Power of the People’ op de bovenverdieping van het museum, waarin hij macht en verzet op geheel eigen wijze interpreteert.
Kijk hier voor de openingstijden van het museum
Op woensdagmiddag 10 juni is de Doldwaze kinderopening, gratis voor kinderen tot en met 17 jaar
Getagd onder