Skip to main content

Filmmonsters: een 'kind van het knekelhuis', een internetfenomeen en een voetbaltrainer

| Peter Verstraten | Column
Filmmonsters: een 'kind van het knekelhuis', een internetfenomeen en een voetbaltrainer

De cinema van de Mexicaan Guillermo del Toro is er een van mededogen met verschoppelingen. In zijn Oscarwinnende The Shape of Water (2017), waarmee hij ook de Gouden Leeuw in Venetië had gewonnen, vat een schoonmaakster genegenheid op voor een monster. In Del Toro's cinema hebben vermeende buitenbeentjes hun eigen logica, die, als je het van hun kant leert bekijken, volstrekt logisch is. Er kan grote schoonheid schuilen in dat wat van het normatieve afwijkt.

Niet raar dat de films van Del Toro heden ten dage een gevoelige snaar raken. Er is meer aandacht voor wat ‘functiebeperkingen’ heet, en die tendens is eind vorige eeuw, begin deze eeuw ook in de cinema ingezet. Filmwetenschapper Thomas Elsaesser typeerde het hoofdkenmerk als ‘productieve pathologie’. Dankzij een (mentale) handicap lijkt een personage op achterstand te staan, maar het blijkt uiteindelijk een voordeel.

In The Sixth Sense (M. Night Shyamalan, 1999) heeft Cole psychisch last van zijn gave dat hij ‘dode mensen’ ziet. Maar dankzij dat vermogen kan een dood meisje hem een video bezorgen waardoor duidelijk wordt dat haar moeder haar heeft vergiftigd. In Donnie Darko (Richard Kelly, 2001) lijdt Donnie aan paranoïde schizofrenie. Hij krijgt allemaal instructies van reuzenkonijn ‘Frank’ die onder misdrijven vallen: de school blank zetten of een villa in brand steken, maar elke opdracht heeft een ‘positieve’ wending. Donnie leert Gretchen kennen; de kelder van de villa bevat een collectie kinderporno, waardoor de als een goeroe geadoreerde eigenaar kan worden opgepakt.

De cinema van Del Toro onderstreept zijn interesse in die ‘productieve pathologie’. Personages kunnen met een overleden geest spreken in El espinazo del diablo (The Devil’s Backbone, 2001), een film die mij overigens liever is dan zijn zo veelgeroemde El laborinto del fauno (Pan’s Labyrinth, 2006), waarin een meisje een faun in het vizier krijgt die haar kan leiden in haar verzet tegen haar brute stiefvader.

Frankenstein

Zijn nieuwste film is een eigen invulling van het fameuze Frankenstein-verhaal en is koren op de molen van Del Toro. Ga maar na: een ambitieuze wetenschapper creëert uit afvalresten een nieuw wezen, een ‘kind van het knekelhuis’. Maar zijn ‘monster’ heeft een ongekende kracht en Victor Frankenstein realiseert zich al snel dat hij in zijn zoektocht naar leven de dood heeft geschapen. Hij die ongevraagd op aarde is gezet als een onbegrepen eenling, is niet het monster, maar dat is de uitvinder zelf.Frankenstein st 6 jpg sd low Copyright 2025 WW Entertainment 1

Nu is Mary Shelley's roman Frankenstein al vaker verfilmd, en ijkpunten zijn de twee films die James Whale regisseerde in de beginperiode van de geluidsfilm: Frankenstein (1931) en, nog geslaagder, The Bride of Frankenstein (1935). Hoewel die films van Whale met bescheiden middelen zijn gemaakt, kan Del Toro’s Netflix-productie ondanks alle poeha er bij lange na niet aan tippen. Verrassend genoeg zijn critici echter (weer) behoorlijk enthousiast over Del Toro, maar voor mij wilde die nieuwe Frankenstein maar niet ontbranden (figuurlijk dan, want de uitvinderstoren vliegt stevig in de hens – het vuur is ontembaar).

Zooi-films

In Del Toro’s Frankenstein is een Deens schip vastgelopen vanwege ijsvorming. Victor Frankenstein is aan boord, terwijl zijn schepping verwoed op hem jaagt. In de eerste helft doet Victor zijn verhaal; in de tweede helft zijn creatie. Maar Del Toro wil ook iets te graag laten zien dat hij een ambachtsman is: de sets, de belichting, de aankleding, er wordt niets aan de verbeelding overgelaten. Er zijn nauwelijks mysterieuze schaduwen, want alles wordt toonbaar gemaakt. Knap hoor, maar het is soms zo haarscherp dat het van de weeromstuit 'vol, ten dele overvol' wordt, om uit de door toenmalig koningin Juliana uitgesproken Troonrede van 1979 te citeren. En als hij dan wel gebruik maakt van digitale effecten, zoals bij de wolven die schapen doodbijten, oef, dat is behoorlijk lelijk. Bovendien heeft Del Toro er een handje van dat als zijn films te veel naar horror gaan neigen, zoetgevooisde klanken – in dit geval van Alexandre Desplat – elk effect dempen. Want zijn horror dient uiteindelijk het karakter van een sprookje te hebben. Ja, Del Toro is zonder meer Netflix-fähig.

In Filmkrant stond onlangs een vilein stukje over de ‘zooi-films’ op streamingsdiensten zoals Netflix: ‘geestdodende anticinema’, met een slap scenario, beroerde belichting, door een algoritme in elkaar geflanst, met als enige ‘attractie’ een steracteur in de hoop dat kijkers om die reden toch afstemmen op de film. Ja, als dat de maatstaf is, dan is Del Toro's Frankenstein alsnog kwaliteit.

L’accident de piano

Op Netflix schijnt zeer recent zowaar ook werk van de Franse absurdist Quentin Dupieux beschikbaar te zijn. Toen het Imagine Film Festival in Amsterdam diens nieuwste film, L’accident de piano vertoonde, noemde de inleider Dupieux vanwege zijn volstrekt unieke aanpak een ‘eenmansgenre’. Maar goh, gelijk bij het begin verscheen het Netflix-logo in beeld. Is de dwarsligger ingepalmd?

L’accident de piano is een mindere Dupieux, maar zelfs een mindere is tegendraadser dan veel andere films. Magalie Moreau is een populair internetfenomeen. Toen ze Jackass op televisie had gezien, ging ze zelf 10 seconden filmpjes maken, waarin ze zich met geweld laat toetakelen: elektrocuteren, zichzelf in de fik steken, overreden worden. Het is haar bijzondere eigenschap dat haar lichaam geen sporen nalaat, en inmiddels heeft ze al zo’n tweeduizend video’s gemaakt. Maar ondanks haar sterrenstatus is Magalies uiterlijk desondanks mesjogge: slobberkleding, raar kapsel, een sjaal als mitella, een nekbrace en een beugel. Ze heeft een eigen persoonlijk assistent, tegen wie ze zich knorrig gedraagt. En we zien voortdurend idioot gesmijt met bekertjes yoghurt.laccident de piano internet 1440x800

Dan dient zich een crisis aan: door een ongelukkig incident met een piano die via een hijskraan naar beneden is gedonderd, is Magalie chantabel geworden voor een journaliste. Magalie vreest dat ze als rijk geworden internetster financieel uitgekleed gaat worden, maar de journaliste eist enkel een exclusief interview. De grapdichtheid ligt wat lager dan anders, maar L’accident de piano ontspoort desondanks op prettig gestoorde wijze. Klaagde ik bij het verder tamelijk geslaagde Straf over een geforceerd gunstige afloop, Dupieux deinst niet terug voor een macabere afronding – dat lijkt me zeer on-Netflix-achtig, maar misschien bekommert Netflix zich om Dupieux om mee te liften op zijn hip-luchtige imago. Het zwart-humoristische randje om zijn films nemen ze dan op de koop toe.

De pupil

Toegegeven, ik ging met enige huiver naar de Nederlandse film De pupil van Karin Junger. Nog niet eens vanwege het onderwerp van een voetbaltrainer die een 12-jarige speler seksueel misbruikt, maar wat als het net niet goed wordt uitgevoerd? Films met een beladen thema lopen het risico sneller tenenkrommend te zijn dan gemiddelde films.

Het eerste shot van De pupil is echter een geweldige lange take. Een voetbalschoen wordt gestrikt, de camera richt zich op en loopt een voetbalveld op, waar een spelertje onze kant op loopt, terwijl die wordt uitgelachen door een menigte. Als de jongen links de camera passeert, loopt Daan vanaf rechts het kader in en komt hij in een eierspel terecht. Ga op een stoel zitten, doe je shirt uit en een volwassene slaat met een ei op je hoofd. Heb je geluk, dan is het hardgekookt; heb je pech, dan heb je struif in je haar. Nogmaals, alles in één soepele take, en dan komt pas de titel van de film in beeld.

Leukste middag ever

Tot zover de gein en de jolijt, want hierna wordt het al snel serieus. Daan is redelijk talentvol, maar de vraag is of hij goed genoeg is voor het eerste team in zijn leeftijdscategorie. Zijn coach Ries vertelt hem dat hij hem heeft aanbevolen, en bouwt een vriendschap met de jonge tiener op. Daan mag mee naar een thuiswedstrijd van Vitesse – voor zijn ‘leukste middag ever’ (ja, beste NEC-supporter, dat meende hij serieus); hij mag bij Ries thuis gamen, pizza eten, en je voelt als kijker dat het inleidende beschietingen zijn voor ongepast contact, zeker als Ries naar een pornokanaal zapt. De meest seksueel getinte momenten worden (uiteraard) gesuggereerd, zodat je als kijker niet zelf hoeft weg te kijken: shots op een half openstaande deur als de televisiezender met een 18+ film op staat; een Vitesse-magazine dat op de grond valt; kledingstukken op de grond in de woonkamer ondersteund met groezelige geluiden.De Pupil st 1 jpg sd low

Onlangs schreef ik over Sorry, Baby als een film waar de beladen inhoud botst met een luchtige vorm. Het seksueel misbruik wordt via drie afstandelijke statische shots getoond, waarna de rest van de film zich vooral toespitst op de nasleep met Agnes die zo normaal mogelijk haar redelijk succesvolle leven probeert op te pakken. Dat leidt af en toe tot humor, maar ook af en toe tot kortstondige inzinkingen. De pupil zit, daarentegen, veel dichter op het misbruik zelf; de camera is nabij wanneer grenzen worden overschreden. En omdat Daan thuis alles verzwijgt, of zelfs gaat ontkennen, zitten wij als kijkers in de situatie dat wij de enigen zijn die er weet van hebben.

Dat leidt ertoe dat je met een beklemmend gevoel wordt opgezadeld – een soort van ongemak dat je ook kan overkomen als je naar een slechte film kijkt. Maar zo’n slechte film is De pupil geenszins. Tijdens het kijken schoot me de slogan door het hoofd die gescandeerd werd op het Malieveld tegen de onderwijsplannen van kabinet-Schoof: ‘Doe het niet.’ Ik geneerde me indertijd voor mijn laffe aandeel als demonstrant, want hoe stompzinnig dat beleid van Eppo Bruins ook was, het was simpelweg niet aan mij besteed om dit soort leuzen luidkeels te roepen. Maar nu moest ik de neiging weerstaan om tot het scherm te fluisteren: ‘Ga naar huis, Daan. Doe het niet, Daan!’

Dat eerste shot, die lange take, toen was De pupil nog ‘film’, maar daarna – vanaf de begincredits – nam die de vorm aan van, ja van wat, een waarschuwingsfilm, een discussiestuk, een lange instructievideo? Dat heeft Jungers film net wat te didactisch verantwoord gemaakt om voor Gouden Kalveren genomineerd te worden. Alhoewel, Gijs Naber als Ries had niet misstaan in een selectie voor beste hoofdrol – om vervolgens te verliezen van Voor de meisjes-actrice Thekla Reuten, zijn partner in het echte leven, die het Kalf daadwerkelijk won.


Deel dit artikel