Excuses
Laat ik meteen maar mijn excuses aanbieden. Iedereen doet het tegenwoordig. Rutte is inmiddels een vleesgeworden excuus, Wopke zal het ook wel doen voor zijn brievenbusje. Dan hebben we Broekers-Knol nog met haar 100.000 Afghanen, Halsema en het Amsterdamse slavernijverleden, Max en Willem voor hun Griekenlandreis en natuurlijk Bruls. Voor Moeke moet hij door het stof. En zo kunnen we wel doorgaan.
Wanneer is dat excuussentiment bij ons eigenlijk begonnen? Vroeger was het alleen iets van de Duitsers. Ongetwijfeld heeft koning Willem in Indonesië de toon gezet. Stotterend hielp hij ons allemaal over de drempel heen. Excuses mag, ja soms moet het.
Ik doe het dan ook maar. Heb er ook reden toe. Een paar weken geleden schreef ik over Der Zwerg. Iedereen zou en moest naar die opera van Nanouk Leopold. Genoeg kaarten beweerde ik. Dat laatste bleek niet het geval. Grote pech. Gelukkig is Der Zwerg tot half december als stream nog te ontvangen via OperaVision Online. Nog wel gratis ook.
Maar het allerergste is dat ik een paar weken geleden iets veel mooiers over het hoofd zag. Terwijl ik predikte dat je naar de Nationale Opera in Amsterdam moest, speelde om de hoek het allermooiste: Wagner in de Cenakelkerk van Heilig Landstichting. In een kleine bezetting zongen drie zangers met, en onder leiding van, Marc Pantus de derde acte van Parcival. Begeleid door gitaar, synthesizer en het harmoniumspel van Dirk Luijmes schijnt het een bijkans spirituele ervaring geweest te zijn. Bedwelmend mooi.
Laat ik eerlijk zijn. Nooit eerder van die Cenakelkerk gehoord. Nooit eerder geweest, ook niet in Heilig Landstichting trouwens. Voor mij een te beklemmende, katholieke omgeving en veel te veel grote villa’s. Vroeger ook de angst dat je Dries van Agt in wielerkostuum voorbij zou zien flitsen.
Martin Koolhoven
Nogmaals mijn oprechte excuses voor dit culturele dwaalspoor. Hoor ik ineens vanuit de keuken: “Nu je toch weer bezig bent, moet je ook niet je excuses aanbieden voor Koolhoven. Je doet altijd zo naar over hem!” Ja, Martin Koolhoven. Daar is-ie weer, hij komt. Dinsdag 12 oktober zal hij in LUX gepassioneerd en vol enthousiasme vertellen over zijn helden. Dit keer Clint Eastwood. Ik zal erbij zijn en misschien nog iets proberen te vragen. Wat hij eigenlijk vindt van de politieke opvattingen van zijn oude revolverheld, fervent Republikein, die als een van de weinigen in Hollywood op Trump heeft gestemd.
Toch wordt het die dinsdagavond in LUX nog lastig kiezen. Naast Koolhoven staat Theo Maassen met een try-out van zijn nieuwe voorstelling geprogrammeerd. En dan ook nog eens de sublieme documentaire State Funeral van Sergej Loznitsa. Voor even lijkt LUX wel een cultureel centrum in een wereldstad. Daar is het natuurlijk ook voor gebouwd.
State Funeral
Maar wat nu te doen aanstaande dinsdag? Staat daar ineens, voor mij totaal onverwacht, State Funeral geprogrammeerd. Schreef ik vorige week dat al het moois uit het Oosten komt met films als Dear Comrades! en Beginning, komt daar ineens ook nog Sergej Loznitsa bij, met een portret over de plechtigheden rondom de staatsbegrafenis van Jozef Stalin. Inmiddels struikel ik over superlatieven bij State Funeral. Meer dan documentaire, meer dan pure cinema, het lijkt eerder een groteske kunstinstallatie. Een hallucinerende trip van bijna tweeëneenhalf uur, een Stalin Experience. Rouwende mensen door heel de Sovjet-Unie na de bekendmaking van het overlijden in 1953, communistische hoogwaardigheidsbekleders die op het vliegveld aankomen, de diverse kransleggingen, de langdurige en eentonige begrafenis, de bijzetting in het mausoleum. Allemaal originele historische beelden in zwart-wit en kleur, opnieuw gecomponeerd met een briljante nieuwe soundtrack van klassieke treurmuziek, afgewisseld met het monotone originele propagandacommentaar. Per toeval zag ik dit document op het festival van Venetië in 2019. Ik raakte meteen verslaafd. Daarbij nooit gedacht dat deze State Funeral ooit nog eens te zien zou zijn op het grote filmscherm.
Moeilijk kiezen dus dinsdag 12 oktober in LUX. Maar ik zou het wel weten.
Vanuit de keuken hoor ik weer: “Nu stuur je de mensen ook nog naar die vreemde Russische film, over de grootste dictator aller tijden. Wat heb je toch tegen die Koolhoven? Is een hartstikke goede regisseur en nog een bevlogen spreker ook!”
Frans Timmermans
Van dat laatste kan ik getuigen. Jaren geleden, mei 2009, Frans Timmermans was nog staatssecretaris Europese Zaken. De politicus begon aan een reis van 27 uur door Nederland, langs culturele centra, buurthuizen en weet ik wat. Een politiek-culturele marathon over de zin en het nut van Europa. Die middag trad hij op in Nijmegen, in LUX, met Martin Koolhoven in zijn kielzog. Mij werd gevraagd – ik was toen werkzaam bij het Filmfonds – de dag af te sluiten. Te reflecteren op de middag, zo heette dat. Nu is mij altijd geleerd om nooit het woord te voeren na bevlogen en vooral professionele sprekers. Ik heb het geweten. Koolhoven had een origineel en verrassend betoog dat Europese cinema meer is dan alleen arthousefilm. Hij getuigde zijn liefde voor de Giallo, een Italiaans cultfilmgenre. Toen moest Timmermans nog komen. Als puber in Rome had hij dagelijks de cinema bezocht en zo’n beetje alle klassieken gezien. En natuurlijk, Europa stond pal voor kunst, cultuur en echte cinema. Wat viel er voor mij ten slotte nog te reflecteren? Ik begreep ineens waarom de toenmalige directeur van LUX plots verhinderd was en de beurt aan mij liet. Ik stamelde dat ik lang geleden ook wel eens een Giallo had gezien: Opera van Dario Argento, waar ik bij toeval in verzeild was geraakt. Tegen Timmermans stotterde ik dat we elkaar best begrepen. Ik kwam immers ook uit Heerlen en heb ook nog eens een Italiaanse naam. Daarna werd het zwart voor mijn ogen. Ik herinner me wel nog het nagesprek. Daarbij liep Koolhoven helemaal leeg. Hij bleef maar oreren. De bus van Timmermans was al lang vertrokken. Toen sloop ik ook maar stilletjes naar de uitgang. Koolhoven was toen pas halverwege met zijn verhaal.
Een paar dagen later kreeg ik opeens een ansichtkaart van Frans Timmermans. Een berichtje van dank, geen excuses. Daar doet onze Frans niet aan. Hij wacht immers nog steeds op de excuses van Jeroen Pauw. Naar aanleiding van hun aanvaring over de MH17-ramp in 2014.