Vos in het Konijnenhol - DTRH festivaldag 3
Drie dagen in het jaar is Nijmegen een stukje minder hip. Fans van moderne popmuziek zijn dan namelijk een paar kilometer verderop te vinden, in recreatiepark De Groene Heuvels bij Ewijk. Festival Down the Rabbit Hole (DTRH) is al enkele jaren een begrip. En, voor Ugenda, een vaste prik. Redacteur Ruud Vos probeert de festival vibe te vangen. Dag trois.
De verleiding om te douchen is inmiddels groter dan ooit, maar het besef blijft dat deze activiteit nutteloos is. We stinken allemaal naar festival, want we moeten meegaan in de sfeer. Anders valt er niet te overleven hier. Op het lichaam van de meeste DTRH-bezoekers zit een driedubbeldikke laag ongewassenheid, een film van menselijke olie die beschermt tegen de elementen. Mijn kapsel is gedegenereerd naar Edward Scissorhands-achtige klodderigheid. Een snelle wasbeurt van mijn bovenlichaam aan de industriële wasbak met een beetje douchegel moet maar voldoen. Dat en een vers T-shirt.
Amandel-speculoos
Moederziel alleen slurpend aan mijn net gehaalde koffie valt pas echt op hoe ver de samenleving hier is afgedaald tot een postapocalyptische woesternij. Een brei aan tentzeil, lege bierblikjes en ander vuil dat net de blauwe vuilniszakken heeft gemist. Als je anarchie lang genoeg laat tieren, gaat het vanzelf weer de illusie van logica vertonen. Zo ook de chaos aan tentjes. Ik ben al bijna 24 uur niet meer gestruikeld over een haring. Zijn ze misschien allemaal al de grond uit gelopen of is het echt gemakkelijker om je weg te vinden op de camping? En door alle halve oplaadbeurten weet mijn telefoon ook niet meer hoe batterijpercentages werken.
Eigenlijk was het de bedoeling dat we vroeg de tenten afbreken en naar de auto brengen, maar het festivalleven staat al gauw tussen ons en onze plannen. Hoe meer er van ons wakker worden, hoe uitgebreider het ontbijtritueel wordt. Iemand probeert een meergranencracker met pindakaas - van die biologische, met amandel-speculoossmaak - aan me te slijten, maar ik heb net onze eigen ontbijtvoorraad al geplunderd. De zorgzame vriendelijkheid waarmee iedereen deegwaren aan elkaar aanbiedt verhult een doodsangst dat we niet van al het voedsel afkomen dat we naar dit oord hebben gesleept. En weggooien is geen optie. Ik vlucht even weg.
Platencollectie
Iedereen zoekt naar antwoorden. Een nog vrij vroege ochtendwandeling langs de festivalgronden geeft het idee dat deze minimaatschappij van DTRH-bezoekers zich aan het opdelen is in sektarische groeperingen. In de Teddy Widder-tent zoekt een kleine menigte naar de innerlijke stilte door middel van een gezamenlijke meditatieoefening. In de Avant Garden wordt er geaerobict. Op de Hotot-heuvel regeert yoga in de vroege uurtjes. Chillende eenlingen zijn er sporadisch ook wel, maar de meesten zullen nog op de camping aan hun ontbijt zitten.
De eerste show van de dag is misschien wel voor mij persoonlijk de ontdekking van het festival. LP, kort voor Laura Pergolizzi, heeft een stembeheersing van jewelste en het is logisch dat ze met haar kwaliteiten als songwriter al bijdragen aan verschillende grote artiesten heeft gegeven. Goede androgyne outfit ook. Ze draagt een tweedelig beige pak, met bijpassende hoge bolhoed met brede rand. Haar stevige vrouwenstem heeft een trilling die aan Jefferson Airplane doet denken, ze zou zo de frontvrouw van een grote hardrockband kunnen zijn. Maar ze doet breed glimlachend lekker haar eigen ding, een gevarieerde mix van goedgemutste gitaarpop, nineties-achtige vrouwelijke powerballads en wat stevigere rock. Haar stijl past bij haar naam: ze is een hele platencollectie in één.
#bringdonnyback
Deze minisamenleving is gedegradeerd tot zijn meest basale vorm. Normale begroetingsvormen lijken verboden. Je moet tegen iedereen 'Heeeeeeeeey!!' roepen, alsof je ze in drie jaar niet meer hebt gesproken. En hoe langer het festival voortdendert, hoe meer ik sommige muziek alleen maar in flarden binnenkrijg. David August, Flavien Berger en FOALS… Ik kan niet meer helemaal de volledige aandacht opbrengen om alle verschillende acts eer aan te doen. Maar er is nog een aantal optredens waar het helemaal geen moeite kost.
Al vijf minuten voor hij opkomt wordt er luid gejuicht voor Donny Benét. In de Fuzzy Lop sta ik vanmiddag voor het eerst oog in oog met dit fenomeen. Deze Australiër is een wandelend eerbetoon aan het Miami van de jaren tachtig, met een bolle kletskop en een topsnor. Het zou niet raar zijn als je verwacht dat zijn hele act een grap is, maar het valt misschien beter te typeren als dramatische ironie. Hij weet hoe hij overkomt en heeft er dikke lol mee. In het verleden stond hij altijd alleen op het podium met een synthesizer en knoppendoos, maar nu heeft de Don een hele band bij zich. En eigenlijk snap ik niet hoe hij het ooit zonder saxofonist en een koploze gitaar heeft kunnen stellen.

© Yaron Cohen
Hits als Working Out, Santorini en Konichiwa kunnen op veel respons rekenen. En Benét kan zijn glimlach met geen mogelijkheid onderdrukken. Bij geen ander optreden spant het publiek zo spontaan samen om de act toe te juichen. 'Donny! Donny! Donny!', klinkt het meerdere keren. “In Australië komen mensen alleen maar rot fruit naar me gooien. Mensen zetten de auto stil om op straat naar me te spugen”, grapt de Don. “Volgend jaar dus maar op het hoofdpodium? Hashtag bring Donny back!” Na het feestgedruis heeft hij bij de platenzaak nog een signeersessie. Dat laat ik me geen twee keer zeggen natuurlijk. Alleen moet ik tegen hem bekennen: “Ik heb niets om te signeren, behalve mijn lichaam.” Dus bekrabbelt hij mijn pens maar. Legend!
Onvermijdelijk
Het wordt steeds onmogelijker om het onvermijdelijke uit te stellen: ook ik ga een stukje meepikken van de WK-finale op het grote scherm bij Hotot. Ik vind het vooral jammer dat de band Beirut, die daar nu zou spelen, heeft geannuleerd. Natuurlijk wil ik dat ‘ons’ vrouwenelftal eerder wereldkampioen wordt dan de heren van Oranje, maar de wedstrijd zelf laat me koud. Het festivalpubliek duidelijk niet. Een enorme menigte is gefixeerd aan het raken op teleurstelling, na de Amerikaanse penalty die doel treft. En het ge-'kut!!!' wordt echt oncontroleerbaar na de beslissende goal. Dat vrouwenvoetbal deze gepassioneerde afgunst teweeg kan brengen bij fans van het verliezende team, voelt toch wel als een stukje geslaagde emancipatie.

© Joris Moore
We hebben nu wel het begin van Rosalía gemist. Haar spetterende show in de Teddy Widder is namelijk een nieuw hoogtepunt van de laatste festivaldag. Omringd door danseressen duwt ze haar dij verleidelijk naar voren. Streetdance ontmoet buikdans. Rosalía steekt traditionelere Spaanse ballades met een Moors randje in een modern popjasje. Met gelikte effecten en een stevige beat. Als je oude meuk opnieuw verpakt, moet je het zo doen. Het publiek vreet het op en zelfs achterin de tent, waar wij staan, maakt ze een diepe indruk.

Rosalía - © Joris Moore
Inmiddels breekt bij mij een kleine paniek uit. Wat blijkt? Ik ben mijn vers gehaalde muntjes ergens verloren. Broekzakken worden nog binnenstebuiten gekeerd en mijn tas ondersteboven gekeerd, maar ik vind ze niet terug. Die moeten bij de wc’s uit mijn broekzak zijn gevallen. Godver, voor dat geld had ik wel twee keer per dag kunnen douchen! Ik haal maar vijf nieuwe, voor een laatste zeewierburger en twee drankjes.
In the PYNK
De grote festivalafsluiter, en eigenlijk de artiest waardoor ik überhaupt over de streep ben getrokken om naar DTRH te komen, is Janelle Monáe. Natuurlijk moeten we daarbij vooraan staan. Enige nadeel daarvan bij het hoofdpodium is wel dat de lage rij luidsprekers voor de stage zo hoog komt dat je een deel van de act beter via de beeldschermen kunt volgen. Soit. Het spektakel begint met een stukje Also sprach Zarathustra van Richard Strauss, en dat kondigt de epische show uitstekend aan.
Waar Rosalía een gelikte show gaf, gooit Monáe er nog een schepje bovenop. Danseressen volgen een strakke choreografie, de muzikanten hebben zo hun eigen moves en in het midden straalt de ster van de avond. Iedereen is in strak zwart-wit gehuld, alleen Monáe zelf heeft wat rode accenten in haar get-up verwerkt. Pas bij Pynk komen er andere kleuren bij, de vele tinten roze van de vaginavormige broeken die ook in de videoclip zitten. Het plaatje klopt volledig. Janelle Monaé weet dat performance ook zeker in het gezicht zit. Ze trekt de ene na de andere uitdrukking om haar teksten van moddervette nadrukken te voorzien. En o wat een stem. Ook live, met al haar danspassen en bewegingen is ze loepzuiver.

© Ruud Vos
Janelle Monáe schuwt de stevige politieke boodschappen niet, maar ze wil ook vooral dat iedereen het vanavond naar de zin heeft. “Herinneringen maken het leven”, zegt ze. “En ik hoop dat ik jullie herinnering mag zijn.” Vooral de drie fans die het podium op worden getrokken om hun juice - lees: danspasjes - te laten zien, zullen de komende dagen aan weinig anders terugdenken. En ook wanneer Monaé zich tussen de bezoekers begeeft voor een samenzang met het publiek, zie je een zee aan blije gezichten om haar heen.
Exodus
En dan begint de grote uitstroom. Natuurlijk waaiert een deel uit naar de overige podia voor een laatste nachtje dansen, maar veel van ons moeten morgenochtend weer hard aan het werk. De laatste van onze backpacks liggen nog te wachten in een uitgeruimde werptent. Kwestie van meegrissen, opdoeken en hup de auto dan wel pendelbus in. En zo tegen één uur begint de grote herontdekking hoe een matras ook alweer aanvoelt. De terugkeer naar beschaving is begonnen.
Het is natuurlijk een goede traditie om dit soort epistels af te sluiten met een opmerking dat het een geslaagd festival was. Maar is dat echt nodig? Laten we wel wezen: zo groots opgezet als DTRH is heeft het iedereen wel wat te bieden. Als je achteraf niet vindt dat een festival als dit geslaagd is, ben je zelf gewoon slecht in festivallen.
Lees ook Vos in het Konijnenhol - DTRH festivaldag 1
Lees ook Vos in het Konijnenhol - DTRH festivaldag 2

© Joris Moore
Getagd onder
-
WatDown the Rabbit Hole
-
WaarGroene Heuvels, Ewijk
-
WanneerZondag 7 juli
-
Website